Taart

Noër en Tren zitten in een horecagelegenheid.
Lange stilte

NOËR
Knap. Alles.

Stilte

NOËR
Dat iemand dat kan.

Stilte

NOËR
Al die tekst onthouden. En die tekst dat ook nog zo uitspreken dat je niet eens merkt dat ze doen alsof. Dat je niet eens merkt dat bloed gewoon ketchup is.

TREN
Ja, ja.

NOËR
Ja, wat?

TREN
Dat je het niet eens merkt. Toch?

Stilte

NOËR
Alleen die naakte… Ja, nou. Je weet wel. Dat had voor mij niet gehoeven.

TREN
Die blote, ja. Dat weet ik wel.

NOËR
Ik snap niet wat de functie is. Al dat genaakt de hele dag. Ik bedoel, wat is de functie? Ik snap het niet, die functie.

TREN
Nee, nee. De functie, ja.

NOËR
Dan denk ik, denk ik dan, ja: wat denkt Tren daar nou van?

TREN
Ja, ja. Wat denkt Tren?

NOËR
Dat moet allemaal maar kunnen.
En ondertussen zit ik dan steeds wel van: Tren denkt straks nog van: Nou, nou. Kijk eens aan. Nou, nou. Van: Nou. Moet je nou eens kijken.

TREN
Ja.

NOËR
En dat wil ik niet. Dat jij dat denkt.

TREN
Nee.

NOËR
Je moet niet denken-

TREN
Nee, nee.

NOËR
Van: nou, nou. Al dat naakt.

TREN
Nee, nee, nee.

NOËR
Niet van: nou, nou, dat is lekker. Zo naakt.
En dat je dan naast je kijkt.

TREN
Nee, niet naast me kijken, nee.

NOËR
Naar mij.

TREN
Nee, niet naar jou.

NOËR
En dat je dan denkt:

TREN
Nee, niet denken, nee.

NOËR
Wat een ouwe taart.

TREN
Ja, taart, ja.

NOËR
Zo van: ik zie liever zo lekker jong, dan die ouwe taart naakt.

TREN
Ja, nee.

NOËR
Dat lodderende vel. Dat je denkt van: ik wil het strak.

TREN
Ja, strak, ja.

NOËR
En geen taart.

TREN
Nee. Nee?

NOËR
Dat jij dat denkt.

TREN
Ja, ja, dat ik dat denk.

NOËR
Tren?

TREN
Hmmm?

NOËR
Nou?

TREN
Nou?

NOËR
Dat jij dat denkt?

TREN
Dat ik dat denk?

NOËR
Van dat naakt. En die taart. Tren?

Stilte

TREN
Ja, lief. Wat je zegt.

NOËR
Wat ik zeg?

TREN
Ja.

NOËR
Wat zeg ik?
Dat van wat ik zeg, dat dat klopt? Zeg jij dat?

TREN
Dat van knap. Ja. Dat zeg ik.

NOËR
Knap.

TREN
Ja, knap. Wat je zei.
Van al die tekst onthouden. En dan ook nog zó opzeggen dat je niet eens merkt dat ze doen alsof. Dat je niet eens merkt dat bloed gewoon ketchup is.
Ja.
Denk ik dan.
Dat heeft ze toch weer goed gezien, die Noër.
Die Noër ziet altijd alles zo goed.
Echt knap.
Kijk, Noër, een ober!
Jij taart, toch?