Let them eat geklaude bankpassen

Ich bin ein Berliner, 2012, deel II

Ik hou van Berlijn en ik hou eigenlijk ook gewoon van Duitsland. Ik spreek wel wat Duits en kan het goed verstaan, maar het enige dat ik vervelend vind van in Duitsland zijn is dat ik geen grappen kan maken aan de balie van een winkel of kroeg.

Jongen achter kassa van hippe bio winkel
Terwijl hij mijn bankpas teruggeeft:
Sie brauchen eine Unterschrift auf der Rückseite Ihrer karte.
( Lang leve Google Translate.)

HMDODHBS
Euh… Die war schon da, aber die ist verschlissen. Durch… euhm…. viele gebrauch.
Lacht scheef.

Jongen achter kassa van hippe bio winkel
Kijkt HMDODHBS droogjes aan en wacht tot de kassabon print.

HMDODHBS
Denkt na. Zegt dan, als moment al lang weer verdwenen is.
Nein, ich hab’ die karte geklaut.

Jongen achter kassa van hippe bio winkel
Stilte.

HMDODHBS
Lacht scheef, als in: da’s een gekke witz, jongen achter de kassa.

Jongen achter kassa van hippe bio winkel
Haben Sie die PIN auch gestohlen?

HMDODHBS
Ja, auch!
Lacht luid.

Jongen achter kassa van hippe bio winkel
Lacht niet en stopt boodschappen in tasje.

HMDODHBS
Mompelt, terwijl ze naar buiten loopt:
Hihi, grápjeee.

Niemand reageert, alleen de wind blaast wat blaadjes op.

Het heeft denk met momentum te maken. Tegen de tijd dat ik bedacht heb hoe je iets misschien bij benadering in het Duits kan zeggen is het moment weg. Daarbij: ik weet niet eens of ik wel zeg wat ik zeg.