Mijn oren suizen en de hooiman heeft me vast voor mijn deur. We zijn nat van de regen.
"Het is al gebeurd", zegt hij "we zijn gewoon hier en het is gebeurd en jij gaat nu naar bed."
Ik moet naar bed.
Ik ben zo moe.
"Ik ben altijd moe", zeg ik "en jij bent straks toch altijd weer weg."
"Ja", zegt de hooiman en hij geeft me een kus op mijn voorhoofd "waar zijn je sleutels?"
De hooiman en ik zitten in een volle kroeg en we drinken cocktails. Ik drink graag cocktails en als ik cocktails drink dan drink ik margarita's. De hooiman drinkt pina colada's en hij drinkt ze vlug. Het regent buiten. De terrasdeuren staan open. Het waait.
"Ik ben ooit begonnen met margarita's omdat ik aan het montignacen was en ik alleen maar de cocktails wilde drinken waar geen suikerrandje om het glas zat", roep ik. De kroeg zit vol eindexamenklassers.
"Tegenwoordig kun je me 's nachts wakker maken voor een margarita", schreeuw ik in de hooimans oor.
Het zweet gutst hem langs zijn wangen. Het is nogal warm in de kroeg.
"Ik begrijp niet waarom de serveerjongen een mutsje op heeft", roept de hooiman. Mij maakt het niet zoveel uit of de serveerjongen een mutsje op heeft. Hij serveert alles nogal snel, en hij lacht steeds lief als hij fooi krijgt. Meer vraag ik vannacht niet. Een lach.
Waarom hoop ik altijd op iets?
Waarom hoop ik altijd op iets dat gaat gebeuren?
Waarom gebeurt er nooit iets groots en meeslepends?
"Nou komen we hier nooit", zegt de hooiman "en nou gebeurt hier nou ook nog nooit iets. Jij nog één?"
Ik hou mijn lege glas omhoog.
De jongen met het mutsje lacht. Ik lach terug.
"Het heeft geen zin", roept de hooiman.
"Wat niet?", roep ik.
"Die drank!"
"Die drank?", roep ik.
"En jij!", reopt de hooiman terug.
"En ik?", roep ik.
"Ja! Jij! Het heeft allemaal geen nut! Dat hier maar zitten!"
De hooiman slurpt in één teug zijn glas leeg.
Ik weet het ook wel. Alles leidt steeds tot niets. We zitten hier maar te drinken en wat we daar nou precies mee moeten? Ik zit daar maar en ik kijk rond. Ik kijk de zaak rond. Ik kijk naar het plafond en ik weet ook niet wat we daar nou moeten.
"Jij nog een glas?", roep ik.
De hooiman knikt.
"Er moet iets gebeuren", zegt de hooiman.
De hooiman kijkt me aan. Hij lacht.
Ik kijk de hooiman aan.
"Ik moet niets meer drinken", zegt ik.
Ik mag niet meer drinken.
De jongen met het mutsje zet nieuwe glazen voor ons neer. Ik hou van margarita's. Je mag me 's nachts wakker maken voor margarita's. Ik neem een grote slok. De hooiman morst pina colada over zijn shirt.
"Je bent te gulzig!", roep ik.
"Ik heb dorst!" roept de hooiman.
De jongen met het mutsje maakt onze asbak schoon.
Ik pak zijn hand.
"Je hebt mooie handen!", roep ik.
De jongen met het mutsje geeft een kus op mijn hand.
"U heeft nu wel genoeg cocktails gehad", zegt hij en loopt weg.
"Wat zei hij?", roept de hooiman.
"Ik verstond hem niet", zeg ik.
De hooiman kijkt me aan.
"Je bent te gulzig", zegt de hooiman. Hij fluistert het in mijn oor.
"We moeten maar eens naar huis", zeg ik.
We staan op en proberen naar buiten te lopen.
"We worden oud", zegt de hooiman en hij pakt me vast. Ik loop wat onstabiel.
"Er moet iets gebeuren", zeg ik als we naar huis lopen.
We staan voor mijn deur. De hooiman geeft me een knuffel.
Ik voel de stoppels van zijn baard langs mijn wang gaan.
"Je bent zacht", zegt de hooiman.
Ik draai mijn hoofd.
Ik voel zijn adem langs mijn wang.
Dan draai ik mijn hoofd en ik voel mijn neus bij zijn neus.
De hooiman draait zijn hoofd weg.
Ik ben dronken.
"Je bent dronken", zegt de hooiman.
"Jij bent het moe, dat steeds met mij zijn."
Ik zet een stapje bij.
De hooiman houdt me vast.
"Ach, ik ben er toch steeds", zegt hij.
"Er gebeurt nooit iets", snik ik.
"Het is al gebeurd", zegt de hooiman.
Hij zoent mijn wang.
Het is genoeg.
Zo gaat het.
Meer dan genoeg.
Hij pakt de sleutels uit mijn hand en doet de deur open.
De hooiman tilt me op.
Ik zweef door de gang, en dan mijn kamer door.
"We hebben elkaar niet nodig", zegt hij "je bent er al en zo hoort het ook."
De hooiman stopt me in bed.
Stopt me in.
Ik wil teveel.
Ik stop.
Het is al gebeurd.
Ik slaap.
Hij sluit de deur.







Ai, glad ijs...
I like die pina colada's!
ach ja, die caipirinhas toch maar weer eens aan de drank groots en meeslepend of toch voor even met in gedachten, dat als etc.