Aldaar-aanwezige-artikelen die ik tijdens het op-huis-van-Lies-passen heb opgemaakt:
- Een fles knoflooksaus
- Een blikje tonijn
- Een pak Dubbelfris
- Twee flesjes Leffe blond (ik had er maar één gehad, maar ik vind één flesje bier kopen echt heel stom)
"Zo? Hebben we een fees'je?", stelde ik me voor dat de dame achter de kassa zou zeggen, toen ik de vijf artikelen op de band legde.
Op de wekkerradio van Lies, lukt het me al de hele week niet om Radio 1 te vinden. Dus luister ik BNR, want ik wil hoe dan ook pratende mensen bij het slapen gaan.
Het liefst over economie of gevoelens.
Gisteren was er een heel verhaal over een onderwerp dat ik me met geen mogelijkheid kan herinneren. Ik herinner me alleen nog dat de presentatrice de hele tijd Reader's Digest verkeerd uitsprak.
Niet rieders dai-djest, maar rieders dikgest.
En nu loop ik al de hele dag met de stem van John Cleese.
"Reader'ssss Diggest?" klinkt het in mijn heufd "Reader'ssss Diggest?!"
Ik schrijf dit omdat ik een voorstelling zag.
Ik schrijf dit omdat ik een voorstelling zag en die ging over geld.
En multi-nationals.
Over Azië en Woerden.
Ik schrijf dit omdat ik mensen zag die over gedwongen ontslagen spraken.
Maar dat het helemaal niet ging om die multi-national.
Of dat ontslag.
Of de ophef
van het zijn van een mens.
En ik schrijf dit omdat er iemand was die zei dat de kracht van het woord ook nog wat te zeggen had.
Ik schrijf dit omdat ik er klaar mee ben.
Met alles wat goed in elkaar steekt.
En geschreven moet worden volgens regels.
Wetten.
Of juist niet.
Dat het juist niet volgens regels en wetten moet.
Ik schrijf dit omdat ik klaar ben.
Met dat gevoelens niet uitgesproken mogen worden.
ANNA
Ik hoop dat je nooit zoveel van iemand zult houden als ik van jou.
BORIS
Kom nou hier staan. Het ruikt zo lekker buiten.
ANNA
Ik hoop het echt.
BORIS
Je verandert niet.
Ik schrijf dit omdat ik in de bres wil springen voor de ontroering.
Voor de traan.
En de rilling.
En de stukken tekst die geschreven worden omdat de wereld nu eenmaal niet te snappen is.
Omdat we allemaal vaten vol gevoel zijn die maar gewoon de hele dag wat doen.
En dan meestal dat doen wat we niet willen.
In dat lijf dat dan maar pijn loopt te doen.
De kop die knarst.
Vandaag.
En die oneindige bank, waarop ik lig.
Het einde van de dag.
Die me de afstandsbediening inzuigt.
Me laat kijken.
Naar alles wat afleidt.
En raakt.
En doorgaat.
ANNA
Ik hoop dat je nooit zoveel van iemand zult houden als ik van jou.
BORIS
Je haar ruikt ook lekker.
ANNA
Je hoort me niet.
BORIS
Ik zeg toch dat je haar lekker ruikt.
Ik schrijf dit en ik ben hier.
Ik schrijf dit en ik ben alleen.
Ik schrijf dit en ik ben waar ik wil.
Ik schrijf dit en ik ben intens alleen.
In wezen is ieder mens intens alleen.
En is het leven nog steeds mooi.
En ruikt de regen naar zomer.
Naar stoep in de zomer.
En ben ik trots.
Al dat geknars.
In koppen.
Op straat.
Op de bankjes in de stationshal.
En is dat alles
niet reden genoeg
om het begrijpbaar
te maken
dat we het zijn
dat we intens alleen zijn
u
ik
wij
dat wij het allemaal zijn
u
en
ik
en is dat
u
en
ik
niet reden
genoeg
om het begrijpbaar te maken
proberen
begrijpbaar
te maken
en het daardoor
PEKING - De langste man ter wereld is na een lange zoektocht getrouwd met een vrouw die veel kleiner is dan hijzelf en ongeveer half zo oud als hij. Dit meldden Chinese media woensdag.
De 56-jarige Bao Xishun is 2,36 meter lang en staat in het Guinness Book of Records als langste mens ter wereld. Hij had met advertenties wereldwijd naar een passende vrouw gezocht. Die vond hij uiteindelijk in zijn eigen woonplaats Chifeng in Binnen-Mongolië.
De bruid, ene Xia Shujuan, is 1,68 meter lang en 29 jaar oud.
Bao begon als tiener ineens aan een snelle bovenmatige lichaamsgroei die zeven jaar duurde en waarvoor de artsen nog geen verklaring hebben gevonden. Als soldaat werd hij lid van een basketbalploeg van het leger.
Later keerde hij naar Binnen-Mongolië terug waar hij herder werd. Daarnaast treedt hij wel eens op als attractie om bij te verdienen. In december redde hij de levens van twee dolfijnen die stukken plastic hadden ingeslikt. Met zijn lange armen haalde Bao die uit hun maag.
'Cause I wanna put it up on the TV screen
So the world can see what your true word means
Lord, would you send me a sign
'Cause I just gotta know if I'm wasting my time
Now I'm overcome
By the light of day
My lips are near but my heart is far away
Now the war is won
How come nothing tastes good?
"Ik heb gewoon geen zin meer in al dat gedoe."
"Het is ook gedoe."
"Gedoe."
"En moe."
"Ik heb zin om dood te gaan."
"En ik denk dat slapen vooralsnog een beter alternatief is."
Vanochtend ging ik boodschappen doen bij de Albert Heijn hier aan de gracht.
Het was grote pauze van de middelbare school een stukje verderop.
(Een atheneum of gymnasium dacht ik trouwens, de kinders liepen allemaal met hockeysticks.)
Grote drommen koters bevolkten de ingang van de supermarkt.
Ik kon er bijna niet tussendoor.
Toen ik midden tussen hen in stond keek ik rond, voordat ik mijn hand optilde om een jongetje in een blauwe windjack met van dan twaalfjarige jongetjes haar op zijn schouder te tikken.
En ineens kreeg ik een flashback.
Over hoe ik daar toen ook stond.
Met een stroopwafel.
Me zorgen te maken over hoe ik overkwam op de jongen waar ik dan alweer een jaar verliefd op was en die ik nooit had durven aanspreken ook al zat hij naast me met Duits.
Aardig staan te doen, soms, tegen mensen die ik helemaal niet mocht.
Me schamen voor mijn zwarte nagellak (gothic bestond toen overigens nog niet) en me tegelijkertijd heel trots voelen.
Hoe ik daar stond in een veel te groot Dinosaur Jr t-shirt van mijn broer, dat ik dan weer over een zwarte gebreide trui had aangedaan. Het was immers de tijd van Pearl Jam en Nirvana. En van the Smashing Pumpkins, Liz Phair en the Posies.
I could dream all day.
En ik weet nog dat ik steeds het gevoel had dat mijn leven nog zou beginnen.
Dat het nog allemaal wel zou komen.
Ik kon niet wachten.
En nu ben ik hier.
Met mijn lijf en mijn kop vol wolken.
I could dream all day.
En soms
heel soms
bedenk ik
van misschien
misschien
ben ik wel al
begonnen.
Ik laat Glenn nog even bovenaan staan, als jullie het niet erg vinden...
Met dank aan het Dronken Schip, die weer de broer dankte en daardoor zelf weer besloot om twee linkjes te plaatsen, die ik dan weer zag, waarbij ik bij Glen Campbell besloot om deze, wegens schoonheid van zowel beeld als muziek, weer tot een welheus postje te dopen. Als in dank, heren. Weer, weer, weer.
Oh ja.
En wind.
Natuurlijk.
Het begrip hazeslaapje bezig ik de laatste maanden soms wel drie keer per dag.
Vandaag verbaasde ik me over hoe en waar het tegenwoordig allemaal lukt.
Ik sliep vanochtend ongeveer vijf en een halve minuut (de overheadprojector projecteerde ook een klok) in de hoorcollegezaal. Ik verbaasde me er over dat ik, toen de lichten na een filmpje weer aangingen, ook écht weg was geweest. Ik weet nog dat er een gedachte was waar ik op wegdreef, maar ik kon me niet meer herinneren wat dat nou was.
Lievelingsplaatsen voor hazeslaapjes:
- In trein met walkman
- Op mijn bank
- Op d'n Lee's bank
en met stip:
- Tijdens de koffiepauze op de bank in het schrijfhok
Verder ben ik ook wel eens met mijn hoofd op een tafel ingedut.
En sliep ik ooit bij Sepultura (Werchter '95) tegen het hek voor de boxen. Da's dan wel lang geleden, maar goed. Eigenlijk onmenselijk, aangezien het geluid niet echt op sluimerstand stond.
Stand:
- Neil Diamond was op
- Paul en Paul achter de balie
- Radical Face'sGhost beluisteren en na eerste gitaaraanslag van tweede liedje de knip trekken
- Over de balie hangen en hoezen kijken, concluderen dat alle zojuist aangeschafte albums bij outfit kleuren
- Over de balie hangen en kijken naar Paul die dansjes doet
- D'n Lee met grote koptelefoon die verbaasd kijkt omdat iedereen aan het lachen is en ze niet weet waarom
- Marvin Gaye's What's going on kostte maar zes euro
"Pas als je ophoudt met spelletjes kom je, denk ik, waarlijk aan wat er gaande is. Ik speel geen spelletjes meer", zegt de dame "speel jij spelletjes?".
"Ik denk dat ik daar te trots voor ben", zeg ik.
De dame heeft dons op haar bovenlip en daar waar ze haar rook uitblaast is de dons wat donkerder.
Ik denk dat ik lieg.
Ik kijk naar mijn vingers.
Toen ik klein was vond ik altijd dat ik jongenshanden had als ik naar mijn vingers keek.
"Ik vond toen ik klein was altijd dat ik jongenshanden had."
"Je hebt helemaal geen jongenshanden. Je hebt kleine handen. Mannen hebben grote. Ach, als kind zie je handen de zaken anders."
"Ik zat altijd tussen de jongens toen ik jong was. Misschien had ik gewoon geen vergelijkingsmateriaal."
"Je bent nog steeds jong. Dan heb je je trots nog."
"Ik ben een jonge hond", zeg ik en ik kijk naar de klok.
"Jij gelooft nog in dingen."
"Wat voor dingen? Dingen als de liefde? Ik geloof helemaal niet meer in dingen als de liefde."
"Jawel, dit soort bitterheid is gewoon een jasje dat jou veel te goed past. Jij komt hier nog wel op terug."
Een jasje dat je heel goed past kun je natuurlijk ook gewoon een hele dikke muur noemen.
Ik knik van ja.
"Heb ik al verteld over mijn nieuwe schutting?", vraag ik.
De dame gaat verzitten.
"Het wordt veel te laat. Ik moet zo weer op huis aan."
Ik maak haar rekening op.
Ze staat op en wankelt een beetje.
Ik denk niet dat het de drank is.
"Ik ben niet bitter", zegt ze "het is de hoop die vervlogen is."
Ik help haar in haar jas en hou de deur voor haar open.
Ze is de laatste die vertrekt.
Ik sluit de schuiven.
Neil Diamond zingt "girl, you'll be a woman soon" en ik doe een Uma Thurman uit Pulp Fiction, terwijl ik door de zaak dans om te poetsen.
En de bezem wordt mijn microfoon.
De hooiman en ik zitten in de boomhut in mijn achtertuin. Ik leun met mijn kin op mijn opgetrokken knieën en de hooiman doet dat ook. Hij heeft zijn grofgebreide donkerblauwe trui over zijn knieën heen getrokken.
We kijken naar wie er daar beneden voorbij loopt.
"Mensen kijken te weinig omhoog", zeg ik.
Er loopt een meisje voorbij. Ze heeft haar handen op haar dikke buik.
Zwangere mensen kijken anders naar de wereld.
Ze kijkt omhoog, ziet de hooiman en zwaait met een hand. De andere houdt ze op haar buik.
De hooiman zwaait terug.
Ze glimlacht en loopt door.
"Zij is heus niet de enige die ik ken", zegt de hooiman.
Ze waren ooit naar de zee gereden. Toen had ze alleen nog geen dikke buik en hield ze haar handen meestal op zijn buik in plaats van op de hare, daar onder zijn donkerblauwe grofgebreide trui.
Ze hadden besloten om aan zee te blijven.
Maar naar een tijd lang in de kou wilde ze weer naar huis.
"De zeewind is te guur", had ze gezegd en was weer terug gegaan naar waar ze vandaan kwam.
Ik denk niet dat hij er ooit overheen is gekomen.
"Ze is zwanger", zeg ik.
"En ik mag er niet bij", zegt de hooiman "en het is niet van mij en ik maak haar onrustig."
"Iemand die jou niet wil, die heb je ook niet nodig", zeg ik.
"Heb je het nou tegen mij of tegen jou?"
"Buiten jij, heb ik het tegen mij."
"Buiten mij."
"Ja, jij."
Ik sla een arm om hem heen en kantel mijn hoofd van mijn knieën naar zijn schouder.
"Ik heb mijn hart aan de wilgen gehangen", zegt de hooiman en de wind waait en waait en waait door de takken.
Het begint langzaam te hagelen.
Het tikt op de planken.
"Ligt het nou aan jou of aan mij?"
"Buiten jij, ligt het aan mij"
"Buiten jou."
"Nee, buiten jij."
"Het is buiten jou."
"Niet buiten mij."
"Nee, niet buiten jou. Dat weet ik. Ik bedoel, het is buiten jou."
"Buiten jij is mooier."
"Buiten jij? Buiten mij? Dat is prima."
"Dat zeg ik, buiten jij."
"We gaan."
"Ja."
"Hop, zo die gaat."
"Ja, naar buiten jij."
(Het meisje roept boven de muziek uit tegen Spijkers:)
"Ik heb dit nummer denk ik al tien jaar niet meer gehoord! Dit draaide mijn oudste broer vroeger altijd!"
"Dat riep je andere broer net ook al!"
(De broer en het meisje dat op dinsdag het bier schenkt, en in dit geval op zaterdag ná het bier schenken het bier drinkt, dansen. Ze zingen uit de ouderwetse volle borst mee.Tegen de broer:)
"Ik zing dit nog altijd in brabbel Engels mee! Wat zingt ze hier nou eigenlijk?!"
(De broer danst en zingt door, denkt en roept dan:)
"Ik heb geen idee!"
I don't know no shame
I feel no pain
I can't
I don't know no shame
I feel no pain
I can't see the flame
But I do know Man-din-ka
"Ik ben een vat vol neurosen", zegt de hooiman.
"Wat?!", roep ik.
Ik sta in de kelder en de hooiman staat bovenaan de trap en geeft me planken aan. Op moment van spreken zit ik net met mijn hoofd in de stapel hout om een plank recht te trekken. Alles staat scheef.
"Dat ik een vat vol neurosen ben!" roept hij.
"Ja!", roep ik terug.
"Jij ook!", roept hij.
"Ik hoor je wel, hoor", zeg ik als ik stofkloppend en kuchend de trap weer oploop.
"Ik begrijp sowieso niet waarom je al dat ouwe hout wil bewaren."
"Je weet maar nooit", zeg ik.
Misschien valt die nieuwe schutting op een dag wel weer om, of maakt iemand er een gat in.
"Ik kan eventuele gaten moeilijk met een vuilniszak gaan repareren", zeg ik.
"In een stenen muur komen niet zomaar gaten."
We lopen de tuin in.
En we kijken naar de nieuwe schutting die de metselaar gister af heeft gemaakt.
"Het is wel een beetje veel, al dat steen in je achtertuin."
"Ik hou niet van indringers", zeg ik.
"Je hebt nooit indringers", zegt de hooiman en gaat met zijn vinger langs een voeg "ze komen altijd gewoon via de voordeur."
"Er komen nooit mensen aan de voordeur. Buiten jij."
"Buiten ik."
"Buiten jij."
"Er kwamen ook nooit mensen door de schutting."
"Nog niet."
"Is eigenlijk wel jammer. Je hebt een hele mooie tuin."
Zoveel werk steek ik niet in die tuin.
"Ik moet schoffelen", zeg ik.
"Je zou een deur in de schutting moeten maken."
Ik kijk de hooiman aan.
"Dat zeg je nu! Die muur is net een dag klaar."
Ik wil helemaal geen deur in mijn schutting. Ik wil in de zomer gewoon in de tuin kunnen zitten zonder dat er steeds volk loopt aan te kloppen.
"En waarom zou ik", zeg ik "ik zit toch altijd op het stoepje."
"Dan hoef je überhaupt niet te schoffelen."
"Nee."
"Nee."
Ik rol een sigaret.
"Je bent soms net een vent."
"Ja", zeg ik en knerp mijn aansteker aan.
Het waait.
"Die kersenboom staat op mijn verjaardag meestal in bloei", zeg ik.
"Hoogstammen zie je niet meer zo vaak."
"Bij mijn ouders zat ik soms hele dagen in de kersenboom. Als ik er nu ben dan klim ik er nog steeds wel eens in. Met de kippen die rond de stam scharrelen."
"Dit is wel een hele hoge een hoogstam."
"Hier klim ik ook nooit in."
"Je kunt heel ver kijken vanaf die tak, schat ik zo."
We zijn even stil.
"Je zou een boomhut moeten maken", zegt de hooiman terwijl hij mijn peuk met zijn voet onder het zand duwt.
De hooiman gaat naast de stam staan. Hij meet de stam door zijn hand over zijn hoofd tegen het hout te zetten.
"Een meter tachtig", hij kijkt omhoog "en een beetje."
We kijken elkaar aan.
"Maar ik ga steeds beter om met dat vat!", roept de hooiman vanaf de trap.
"Wat?!", roep ik terug vanuit de stapel hout.
"Ik ga steeds beter om! Met mijn neurosen!"
"Ja ja, ik hoor je wel", zeg ik terwijl ik met een stapel planken de trap oploop. Er zit mos op. "Ik ook. Ik ook."
Ik geef hem de planken aan.
Als in 1: Klik!
En dan zeg ik: "laatst zag ik op het reclamebord dat bij Pipoos voor de deur staat een nattig A4tje hangen, waarop iemand met dikke stift Wij verkopen nu ook breinaalden! had geschreven".
Als in 2: De journalist is een held. En Grubbenvorst is een gat.
Wat je soms toch fijne kadoos krijgt als je vertelt dat je uit d'n Grub komt.
Als in 3: Ik constateerde dat ik Münchausensyndroom de mooiste ziektenaam vind.
Als in 4: Ik zag tot nog toe nog nooit iemand zo lang onbeweeglijk kopje onder in een bad met gelatinedrab liggen.
Niet dat ik verder ooit iemand überhaupt in een bad gelatinedrab zag, maar dat geheel terzijde.
De twee benen die uit het bad staken vielen me aan het begin van de voorstelling wel op, maar gaandeweg vergat ik ze. Ik dacht dat het zeer realistisch geconstrueerde namaak-benen waren.
Totdat na een half uur ineens iemand overeind schoot.
Maar jazeker, het was Erik Leker.
"Krijg je dat nog wel uit je oren?", vroeg ik.
"Mwoah", trok Erik aan zijn peuk "het is best dun, dat spul."
Ze hadden honderd waterkokers moeten regelen om de honderd liter water voor de bereiding aan de kook te krijgen, ging het na afloop rond in de wandelgangen.
En het bleef nog lang onrustig op het Janskerkhof.
Bows and flows of angel hair
And ice cream castles in the air
And feather canyons everywhere
I've looked at clouds that way
But now they only block the sun
They rain and snow on everyone.
So many things I would have done
But clouds got in my way
I've looked at clouds from both sides now
From up and down
And still somehow
It's cloud illusions I recall
I really don't know clouds at all
Moons and junes and ferris wheels
The dizzy dancing way you feel
As every fairy tale comes real
I've looked at love that way
But now it's just another show
You leave 'em laughing when you go
And if you care, don't let them know
Don't give yourself away
I've looked at love from both sides now
From give and take
And still somehow
It's love's illusions I recall
I really don't know love at all
Tears and fears and feeling proud
To say I love you right out loud
Dreams and schemes and circus crowds
I've looked at life that way
But now old friends are acting strange
They shake their heads
They say, I've changed
Something's lost
But something's gained
In living every day
I've looked at life from both sides now
From win and lose
And still somehow
It's life's illusions I recall
I really don't know life at all
Ik heb de komende week zó goed gepland dat ik niet op één, niet op twee, maar op welliefst drie avonden dubbele afspraken staan heb.
Daarbij moest ik vanavond, zeg maar, op twee plaatsen tegelijk zijn en dat ging natuurlijk niet. Waardoor ik besloot er één naar morgen te verzetten, die ik weer (als in boem) op twee andere afspraken die al een dubbele waren heb gezet.
Zo bleek, net te laat om het terug te draaien en lekker op tijd zodat ik me er nog een dag druk over kan maken.
Volgt u het nog?
Dank u, ouders!
Heel erg bedankt voor mijn boerse rustige agenda-genen.
Wil er iemand een personal coach voor me kopen?
(Ik bedoel, met de laptop en dat kaartje van Arcade Fire kwam het ook goed... Toch? God? Hallo? God? Bent u daar?)
Weet u, praat me niet van tijd. Het is mijn management.
Ik deed dees' week daarentegen één ding goed, en dat was (nou, oké, ik bood ook een meisje voor me in de rij bij de kassa aan om de euro die ze tekort kwam te betalen -dat terwijl ze heel erg chagrijnig deed tegen het kassameisje- en daarbij heb ik een gebroken harter ijs en bier gevoerd, alsmede dat ik diegene bemoedigende klopjes gaf op arm en rug) het in elkaar draaien van een weblog voor d'n Lee!
Als in een verrassing!
("Ik heb Heart Club maar veranderd in HeartS Club", zei ze aan de telefoon, nadat ze een stief half uurtje van jeueueueueueueuj had gedaan.)
Als in een verrassing!
Daarbij is het nu alweer bijna een jaar geleden dat ik jullie allemaal kreeg van Jnnk. Nog nooit heb ik een kado gekregen waar ik bijna iedere dag zoveel lol en ja, soms zelfs een hoop steun uit haal.
Ach, genoeg gesnotter.
Ik meen het.
Ik ben blij dat ik jullie af en toe allemaal een beetje heb.
Varend op de melancholische golf die de zondag van vandaag heet, er maar eens een monoloog voor ERF uitgegooid. En alle show don't tell-regels met voeten getreden.
Boven een bak ijs (caramel-pecan, het stroopwafelijs was uitverkocht -en terecht-).
Als een gek zitten typen op LCD Soundsystem.
Afijn.
There we go.
***
Teun, een verbrand meisje (dat overigens verbrandde toen ze zelf de -oh, ironie- boot van haar overspelige vriend in de fik stak), is aan het woord.
TEUN
Ik denk niet dat er iemand op de wereld is van wie ik zoveel hou als van jou
En ik weet dat ik je dit niet moet vertellen, maar dat ik het je moet laten zien
Ik weet dat dat moet, maar ik zie het wel
Ik kan alleen vertellen nu
Kijk dan naar me
Ik kan alleen vertellen
Ik denk aan op de fiets zitten
En de zomer in de lucht ruiken
En de wind langs mijn gezicht
Toen ik van de boot wegfietste
Met mijn hoofd omhoog
En dat ik alles tegelijk voelde
Mijn hart
Mijn hoofd
Hoe het raasde
En hoe ik heb moeten huilen
Heb moeten huilen toen ik daar zo stond
Met mijn schouder geleund tegen de deurpost
Hoe ik jou daar zag
En het was niet dat ik jou daar zo zag met haar
Maar dat ik mijn schouder tegen de deurpost voelde
Dat dat pijn deed
en dat ik dat liet
En dat ik wist dat dat het was
Die deurpost
Meer zou het niet meer worden
Ik heb je altijd gemist
Ook toen ik je had
Soms zeggen mensen dat missen de sterkste vorm van houden van is
Ik heb je altijd gemist
Hoe je in mijn armen lag
's Nachts
En snurkte
En dat ik mijn neus in je haren duwde
En je haren rook
En ik je adem langs mijn nek en borst voelde gaan
Zelfs dan miste ik je
Zelfs dan was je mijlen ver weg
Als je me aankeek
En ik je hand zag die je optilde
Langzaam
En richting mijn gezicht bewoog om mijn wang aan te raken
En nooit
Nooit
Nooit
Heb ik je zo gemist
Als wanneer we pogingen deden om bij elkaar te zijn
Jij probeerde me te snappen
En dat het nooit is gelukt
Dat ik nog nooit zo alleen geweest ben als dat ik was met jou
Je hebt me altijd laten hangen
Ik miste je al nog voor je er was
En toen ik je kreeg
Heeft dat me genekt
Ik heb je nooit kunnen laten zien wie ik ben
Wie ik was
Hoe ik ben
Ik heb alles uit je proberen te halen, te zuigen
En je hebt me nooit gelaten
Je hebt me laten ruiken
Een glimp laten zien
Van wat ik zou kunnen hebben
En toen heb je het me niet eens afgepakt
Op een dag
Was het klaar
Niet eens weg
Het was gewoon
Het was gewoon klaar
Met ons
(Liedje voor erbij: Klik! Op All my friends. En wederom dank aan P de DJ, die mij dit nummer vandaag op het hoogtepunt van mijn melancholie horen liet. Soms weet ik niet wat ik zonder sommigen zou moeten.)
Ooit, de lichtvoetige proloog:
Een anekdote van P de DJ die bij de afhaalchinees stond te wachten.
Man komt binnen.
Mevrouw achter de balie: Zegt u het maar.
Man (lees met Brabants accent): Een bak chinees.
Mevrouw achter de balie: Wat?
Man: Een bak chinees.
Mevrouw achter de balie: Ja maar, wat voor chinees wilt u dan?
Man (geërgerd): Nou, g'woon, een bak chinees met bami.
(P vertelde hoe hij zich had opgefokt over die man. Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt vond dat hij de heer op zijn blote knietjes had mogen danken dat hij zoiets mocht meemaken.)
Vandaag, het verhaal:
Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt zit op een kruk naast de balie van van Dam te wachten op haar spareribs. Ze leest een boek, nog steeds Foer, aangezien ze het zo langzaam mogelijk probeert te lezen. Ze wil niet dat het op raakt.
Een man komt binnen, bestelt.
Jongen achter de balie: Wilt u kipsaté of varkenssaté?
Man: Wat is het verschil?
Jongen achter de balie: ...
Al met al ging het het meisje dat op dinsdag het bier schenkt erom dat het boek van Foer, daar zo op de kruk, nog ontroerender en hartebrekender mooi was dan toen ze het die middag op haar stoepje in de zon aan het lezen was.
Het was daar zo zittend tussen de op grote stukken vlees wachtende mensen, zelfs zó mooi dat ze er maagpijn van had gekregen toen ze eenmaal naar buiten liep.
Hoe kunnen sommige mooie dingen zo ontzettend veel pijn doen?
Vroeg ze zich af.
Waarom wacht ik op een halve kilo spareribs, om er maagpijn van te krijgen?
Waarom ben ik altijd, altijd, nee vooral, vandaag zo melancholiek?
En komt het leven met vlagen en op dagen als deze zo hard binnen dat ze niet meer weet of iets mooi is of iets erg, en ze zich afvraagt hoe het komt dat ze zoveel van dingen kan houden dat haar hart eruit wilt en dat al die, al die, al die dingen zo ongrijpbaar zijn en zo gruwelijk altijd in de luwte blijven hangen, daar (en ze wijst) tussen haar hart en haar maag. En lijkt de wind, die buiten nog een vleug naar zon ruikt, evenveel op strelen als op slaan.
Alles voelt vandaag.
Dat bedenkend liep ze naar huis. En at ze, tegen de televisie pratend, haar spareribs op.
"Ik kan surrogaat gewoon niet van echt onderscheiden", zegt de hooiman en hij zucht.
Ik kijk hem aan. Hij haalt zijn schouders op.
"Weet jij wel niet hoe duur die koffie kost?", zeg ik.
Ik zal nog eens koffie zetten.
"Vier gulden vijfenzeventig voor een blikje", zegt het meisje. Ze is in een Bert en Ernie kleurboek aan het kleuren.
"Wat weet jij nou van koffie? Jij hebt roosvicee. En daarbij, guldens bestaan helemaal niet meer", zegt de hooiman. Hij drukt een vinger op haar kleurplaat "je gaat buiten de lijntjes. Je doet het veel te haastig."
Het meisje neemt een slok van haar roosvicee en zucht diep bij het uitademen na de slok. Ze kijkt me aan.
"Ik zal nog eens koffie zetten", zeg ik tegen de hooiman.
"De liefde", zegt de hooiman "ik heb het over de liefde."
"En nu al surrogaat? Ik wist überhaubt niet dat jij een pannetje op het vuur had."
"Pannetjes, pannetjes, ik heb altijd pannetjes op het vuur."
Ik ook, denk ik en leun mijn hoofd in mijn handen.
Ik kijk naar het fornuis.
Runderstoof.
Soep.
De fluitketel.
"Een fluitketel is geen pan", zegt het meisje en houdt een viltstift omhoog.
"Wijsneus."
"Ik bedoel gewoon dat ik nooit dingen op waarde weet te schatten. Het lijkt altijd of ik alleen maar een meiske wil als zij mij niet wil. En andersom."
"Dat voel je toch gewoon?", zeg ik "of het klopt?"
"Dat is nou juist het probleem", zegt de hooiman "ik voel dat dus niet. Ik vind alles leuk. En dan kan het twee kanten op. Of ik verlies mijn hart, nee, niet alleen mijn hart, mijn verstand, ik verlies mijn verstand. Dan moet ik haar hebben, snappen, in de tang hebben, maar zodra ik haar in de tang heb, dan maak ik het op en gooi ik het weg. Als een prop papier, in de prullenbak. En dan denk ik er nooit meer aan. Ik wil dat niet meer. Ik wil niet meer al dat gekwets de hele dag."
De hooiman kijkt naar hoe het meisje kleurt.
Het is even stil.
"Hartebreker", zeg ik.
Hij legt een hand op zijn hart en kijkt me aan.
"Ik denk niet dat ik het nog kan", zegt hij zachtjes.
"Die pannetjes komen morgen wel weer", fluister ik terug.
Ik leg mijn hand op zijn hand en met mijn andere reik ik hem een pollepel aan.
Iemand heeft zich gans uitgeleefd op Once upon a time in the west. En my god, wat blijft My body is a cage van Arcade Fire toch een geweldig nummer.
Met trouwens duuzend maal dank aan P de DJ, die ervoor gezorgd heeft dat Jnnk, de broer en ik toch nog onze harten mogen laten gaan breken in Vredenburg op 2 april (allemaal naar het na-feest in Ekko komen, trouwens). Ik kan nu al bijna niet meer wachten, draai bijna niks anders meer.
"Ik heb het al sinds gister in mijn kop, toen ik dacht dat er boven een shoarmatent Chicken Rehab stond in plaats van Chicken Kebab. 'Euh, mag ik een broodje cold turkey?'"
"Maar wat zingt ze nou?"
"They tried to make me go to rehab."
"To wat?"
"Ze wilden dat ik naar een ontwenningskliniek ging", zing ik "maar ik zei neu neu neu."
Als het lullige plastic draagtasje van de Albert Heijn knapt, presteer ik het om over mijn eigen pak jus heen te fietsen.
Geen verkeer op de normaal zo drukke straat, dus ik stop om het opengeknapte pak op te rapen en in de prullenbak naast de bushalte te gooien.
Naast het haltebord staat een jongen met zijn handen in zijn zakken.
Hij kijkt naar wat ik doe.
"Of moet jij nog?", vraag ik hem, wanneer ik het pak in de prullenbak wil gooien.
"Nee", zegt hij zonder een spier te vertrekken "ik heb net op."
Mosterd na de maaltijd, want iedereen kent Amy Winehouse.
Maar toch.
They tried to make me go to rehab, but I said no no no.
But I know it don't come in a shot glass
(...)
The man said why do you think you here
I said I got no idea
I'm gonna, I'm gonna lose my baby
So I always keep a bottle near
He said I just think your depressed
Kiss me here baby and go rest
(...)
I don't ever wanna drink again
I just
I just need a friend
(...)
It's not just my pride
It's just til these tears have dried
They tried to make me go to rehab but I said no, no, no
Ter vervanging van onder andere:
- excessief veel bier drinken
- sigaretten roken bij het licht van een beeldscherm
- dansen tot tenen bloeden
- statistieken checken
- grove grappen maken
- lang in bed liggen
- dingen recht proberen te denken
- huilen bij films die je al duuzend keer gezien hebt
- huilen bij liedjes die op repeat staan
- chagrijnig tegen de telefoon praten
- mannen
The Cash familiy denied the use of Ring of Fire in a hemorrhoid commercial. Instead of this song the company decided to use a mix of songs by Sting, Cream and Hole.
Ach, vandaag was het weer zo fijn.
Maar gelukkig, voor u allen, was dat het óók op donderdag zestien november.
Hoppetee.
Part I
part II
(Simon Amstell: Why don't you do something with Katie Melua?
Amy Winehouse: I'd rather have cat aids, thank you.)
part III
(Simon Amstell: "They told him, don't you ever come around here..."
Bill Bailey: "...'cause you're a registered sex-offender"?
Simon Amstell: Nonono, that was Beat It by Michael Jackson)
"Heb je ruzie met d'n Lee?", vraagt Zanne. Het is zaterdag.
Ik schuif even aan, ik ben aan het werk.
"Nee, hoezo?", vraag ik "Ze zit gewoon aan de bar en ik kreeg een kus."
"Nou, omdat ik nog zo tegen je had gezegd dat het tonic-verhaal van haar kwam en je er toch mijn naam er onder hebt gezet."
"Dan heb jij eerder ruzie dan ik," zeg ik, terwijl ik een slok van haar kop koffie neem "ik zeg gewoon dat je liegt."
Ik had natuurlijk logischerwijs alleen het verhaal onthouden en degene die het vertelde. Wie het verder daadwerkelijk meemaakte, gaat meestal meteen de prullenbak-in-mijn-hoofd in.
D'n Lee zit beneden aan de bar met Niek.
"Dus dat tonic-verhaal kwam van jou", zeg ik tussen de tapkranen door.
"Ja! Ik helemaal trots! Dat er een stukje over stond! Staat Zanne d'r onder. Met dank aan Zanne, stond er! Mijn verhaal!"
"Ik stel het morgen meteen even bij."
"Ja."
"Zanne zei al dat je boos was."
"Nee, teleurgesteld."
"Ja."
We lachen.
Het is even stil.
"Onder We are the world stond ook alleen maar jouw naam, Lee", zegt Niek.
"Had jij dat filmpje gevonden, dan?", vraag ik.
"Dat was ik."
"Ooooooh!", zeg ik en ik wijs tussen de tapkranen door naar d'n Lee. Ik knijp mijn ogen tot spleetjes.
"Niet!" roept d'n Lee "Niet! Samen! We hebben het samen gevonden!"
"Neeneeneenee," zegt Niek "ik heb dat filmpje gevonden."
"Samen...", zeg ik tegen d'n Lee en schud minzaam mijn hoofd. Ik maak een paar klikgeluidjes met mijn tong.
"En waar staat mijn naam?", vraagt Niek.
"Nergens", zeg ik.
"Juist", zegt Niek.
"Ik ben totaal verkeerd ingelicht", zeg ik.
"Juist", zegt Niek.
D'n Lee kijkt in haar glas Urquell.
"Ben je boos?", vraagt ze.
"Nee", zeg ik.
"Teleurgesteld", zegt Niek.
01.00 Zanne zegt: ga zo maar naar huis. Kop thee met bruine rum krijgen. 01.45 In bed liggen. 02.15 Ogen wijd open hebben. 02.30 Kijken naar straatlantaarnlicht door glas-in-lood 02.38 Bedenken op welke plekken ik liever zou zijn dan in bed. 02.40 Er geen weten. Nou ja, in de cederhouten hottub van Rebekah en Derek in Christchurch, waar je 's nachts over de lichtjes van de stad uitkijkt. Ze wonen op Mount Pleasant. Jazeker, you always take the weather with you. Evengoed geen zin hebben om op te staan, mocht iemand zeggen van je mag NU naar Nieuw Zeeland. 03.00 Radio 1 aanzetten. Denken: hé fijn, nieuws. Houden van stemmen bij slapeloosheid. 03.03 Balkanmuziek op Radio 1 horen. Radio uitzetten. 03.04 Ergeren en denken: wie draait er nou in hemelsnaam balkanmuziek om drie uur 's nachts? Wie? WIE?! 03.05 Denken: gelukkig hoef ik godverdomme niet morgen al om half zeven op. 03.06 In liggende positie stampvoeten, voor zover dat dan nog stampvoeten heet, of trappelen, maar ik haat het woord trappelen, vuisten ballen, tandenknarsen en ieieieieieie roepen. 03.10 Denken: GELUKKIG hoef ik GODVERDOMME niet morgen al om HALF ZEVEN op! 03.30 Denken: ik ga morgen niet. Ik ga gewoon niet, nee, ik ga gewoon niet.
06.30 Wekker. Op snooz slaan en voelen van keelpijn. 06.40 Wekker. Denken: ik ga niet. 06.41 Sms intypen naar Babiche om te zeggen dat ik niet kom. 06.42 Nadenken over zinsconstructie, woordkeuze en of dat wel allemaal in één sms past. 06.43 Sms klaar hebben en afvragen: ik ben al wakker en wat maakt dat uurtje nou uit qua slaap? 06.44 Haast hebben en opspringen. Sms niet versturen. 06.47 In oude Uggs, pluizige pyamabroek en te klein trainingsjasje koffiepot op fornuis zetten. 06.50 Wasmachine nog vol water vinden. Vloeken. Aan knop draaien voor centrifugeerstand. 06.51 Knop draaien en mopperen. 06.52 Knop draaien en vloeken. 06.53 Knop draaien en aan een stuk vloeken, nogal luid. 06.54 Door gang rennen naar koffiepot, anders koffie tegen plafond. Zeer luid roepen: godverdegodverdegodverdegodverdegodverdegodver. 06.55 Godverdegodverdegodverdegodverdegodverdegodver roepen en aan knop draaien. 06.56 Abrupt stoppen met vloeken. Denken: wat maakt dat centrifugeren toch een herrie. En tandenpoetsen. 06.57 Met tandenborstel onder douche. 07.07 Proberen haar goed te krijgen. 07.12 Koffie in thermosfles gooien. Teveel melk bij koffie gooien. Kut zeggen. 07.20 Op fiets springen en door pijpestelen fietsen. Denken: wat ongelooflijk goed, Han, dat je bent opgestaan. 07.30 Lievelingsplaats vinden in trein. Horen van zuchten van aktetas-snor met rood-zwarte windjack achter me, omdat ik de eenpersoonplaats met het lange raam voor hem inpik. Glimlachen naar aktetas-snor. Denken: sssnor! Glimlachen en mezelf grappig vinden.
09.00 Filosofieles. 09.15 Denken: tering, wat is dit toch leuk. 09.30 Ene helft van klas naar denkbeeldige punten op muren zien staren, andere helft op puntje van stoel zien zitten, steeds inademend om een zin te willen beginnen en kort de wijsvinger strekkend.
12.30 Koffie drinken in 't Hoogt met de korte film-dames en kijken naar gekke meneer die in zichzelf praat. 15.00 In het schrijfhok op bank ploffen met Foer. 15.30 In slaap vallen op bank. 15.52 Opnemen van de telefoon. Zeggen: ik lag even te slapen. P de DJ horen: ben je thuis? Zeggen: nee, ik lig in het schrijfhok op de bank. P de DJ horen: lig je daar? Is dat niet raar? Zeggen: nee, ik praat zo zacht omdat er op de andere bank nog iemand ligt te slapen. 16.50 Sjloi (sla, dus) met geitenkaas halen bij de AH. 17.10 Sla eten en op bank uit raam kijken met Eva. Erg veel lachen en laatste roddels doorspreken. 18.50 Douche gebruiken bij vormgevershok.
20.00 Kijken naar vertoning van zelf gemaakte korte film en alléén maar de fouten zien. Op vuist bijten.
00.00 Charlie Dee zien in Ekko en kippevel krijgen. 01.15 Hier en daar een zijstap-bij op de maat van de muziek zetten. 02.10 Enorm dansen. 02.42 Roepen tegen Eva: ik heb nog nooit op Sufjan Stevens gedanst! en denken: buitenshuis. 02.44 Irritante jongen elleboogstoot tegen borstkas geven, verder dansen en sorry roepen en dat natuurlijk niet menen. 03.00 Pijpestelen en Annick die tegen ons roept: nee, het is maar een kwartiertje. 03.30 Bij Annick thuiskomen.
11.30 Wakker worden en denken: ik drink nooit meer. 12.00 Annick binnen horen komen en croissantjes ruiken.
13.35 Rennen naar bus naar centrum. Omkijken en zien dat Florian hinkelt en roept van: ik heb een blessure. Doorrennen. 14.00 Douche gebruiken bij vormgevershok. 14.45 Theezetten in schrijfhok. 15.00 Denken: wat is het hier rustig op zaterdag. 15.12 Beginnen aan dit stukje en denken: wat een werk en het moet ook nog af voor vijf uur. 16.15 Sjloi met geitenkaas eten. 16.30 Denken: nu is het wel af.
"Wat is dat?"
De fles Doppelwachholder werd van het schap getild.
"Eversbusch."
"Laat eens ruiken."
De dop werd opengeschroefd en de neus werd aan de fles gezet.
"Dat ruikt naar tonic!"
Het was even stil.
"Nee, lieverd. Dit ruikt naar gin."
Een stukje uit waar ik mee bezig ben.
Had de ijdele hoop deze eenakter voor een bepaalde deadline (vandaag) af te krijgen, wat niet lukte.
Op zich ook niet zo vreemd, ik begon drie dagen geleden aan dit stuk.
Het heet ERF en gaat over twee verbrande meisjes in een ziekenhuiskamer.
Een moeder fungeert een beetje als verteller en ik weet nog niet of ik haar ga schrappen. Ze past er eigenlijk niet zo goed in.
Of het ook echt wat gaat worden, dat zullen we dan nog wel eens zien.
*** Een lege ziekenhuiskamer.
MOEDER
Het is midden in de nacht en de deurbel klinkt.
Ik schrik.
Ik denk eerst, de deurbel, dat kan helemaal niet, want het is middenin de nacht.
Hoe kom ik wakker?
Ik ben wakker.
Was ik al wakker?
Hoe lang ben ik al wakker?
Heb ik iets gehoord?
Was dat gestommel?
Staan ze aan de deur?
Hoe laat is het?
De bel gaat nog een keer en ik spring op.
Het linoleum is koud.
Ik loop op mijn tenen.
Ineens ben ik bang dat er iemand aan de deur staat die kwaad wil doen.
Ik rem af.
Mijn hand tegen het grove stucwerk van de muur.
Weer de bel.
Ik leun met mijn oor tegen de voordeur.
Ik hoor een stem.
Twee stemmen.
Mannen.
Ik durf de deur niet open te doen.
Hoe laat is het?
Hoe lang staan ze er al?
Weer de bel.
Ik schrik.
Ik roep.
Ik roep met mijn wang tegen de deur.
Wie is daar, roep ik.
Ik heb de deur opengemaakt.
Dan lijken dingen.
Lijken dingen.
Het gaat zo snel.
Ik zit op de bank.
Ik kijk naar mijn handen die in mijn schoot liggen.
Ze gloeien, ze voelen droog en heet aan.
Terwijl ik ze niet langs elkaar wrijf.
Hoe komen mijn handen zo heet?
Zo droog.
Ik kijk op.
Ik moet mijn duster uit.
En me klaarmaken om naar het ziekenhuis te gaan.
Ik kijk naar mijn handen.
Ik moet crème.
Ik moet ergens crème.
Uw dochter ligt in het ziekenhuis.
Ze is verbrand.
Moeten we even wachten en met u meegaan?
Ik hou niet van vreemde mannen in mijn huis.
Ik moet even zitten, zeg ik.
Ik moet even zitten.
Ik zit op de bank.
En ik ga me opmaken om naar het ziekenhuis te gaan, waar mijn dochter verbrand ligt te zijn.
Ik ga me opmaken terwijl mijn dochter verbrand in het ziekenhuis ligt te zijn.
Ik ga me opmaken.
Op hun fietsjes vertrekken ze.
Er gaat zo een verpleegster binnenkomen.
VERPLEEGSTER
Mevrouw?
Ze komt er zo aan.
Ze krijgt een kamergenootje.
Die komt er ook zo aan.
Van haar eigen leeftijd.
Ook met veel brandwonden.
Hetzelfde als uw dochter.
Hebben ze wat aan elkaar.
Niet?
Wilt u thee?
MOEDER
Ik zeg haar dat ik geen thee lust.
Ik hoef geen thee, nee, dank u.
***
TEUN
Ik ben in het water gedonderd, daarna.
Anders was ik dood geweest.
Ik ben niet eens bewust in het water gesprongen.
Ik viel en ik weet nog dat ik dacht: nu val ik godverdomme ook nog in het water.
Mensen zeggen altijd dat ze in levensbedreigende momenten op de juiste manier handelen.
Instinctief.
Ik ben misschien al een stukje verder geëvolueerd.
TOPRAC
Gemuteerd.
TEUN
Dat ik denk, terwijl ik aan het branden ben, godverdomme, mijn kleren.
Ik sta voor lul.
TOPRAC
Je bent een kind van je tijd.
TEUN
Misschien.
TOPRAC
Was je dronken?
TEUN
Enorm.
TOPRAC
Je bent een kind van je tijd.
TEUN
Misschien.
Het maakt geen verschil.
Jij ligt hier ook.
Net als ik.
Het verandert niets, dat allemaal maar gewoon constateren.
TOPRAC
Ik ben geen kind van deze tijd.
TEUN
Niet meer.
Je bent een stip in de krant geworden.
Dan was er gisteravond dit.
De finale van Swan, daar waar zo gezegd lelijke vrouwen worden verbouwd om vervolgens te mogen strijden tegen andere voorheen lelijke verbouwde vrouwen.
Iemand wint dus.
En iemand is de lelijkste.
Waar begint dit allemaal?
Hier?
Als in daar?
En let wel, dit zijn bestaande meisjes. Als iemand het wil maken in de beauty pageant wereld is het een must om dit soort foto's in het bezit te hebben.
Waar houdt goeddoen op en waar begint de freakshow?