Huisgenote studeerde gisteren af.
Fijn met het bezoek in de tuin rosé drinken en sigaretten roken.
(Niemand had door dat huisgenote wel tot zes keer toe Uptight van Aberfeldy opzette.)
Ik zat in de deuropening, tussen de openslaande tuindeuren die leiden naar de totaal overwoekerde lap grond die we tuin proberen te noemen. Ik keek eens wat, en luisterde.
Smokey: Oh, was je vader er? Wie was je vader?
Huisgenote: Die wat langere man. Een meter of twee.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Krullend haar, streepjes shirt.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Bruin krullend?
Smokey: Nee.
Huisgenote: Bril, blauwe ogen.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Grijsblauwe ogen!
Smokey: Nee. (stilte) Nee.
Huisgenote: Een spijkerbroek, beetje een buikje?
Smokey: Nee.
(Stilte)
Huisgenote (sneller): Als je met 'm gepraat hebt ging hij je vast iets uitleggen.
Smokey: Oh! Jajajajajajajajajajaja.






