31 juli 2006
Wit jurkje
Ik ben een wit jurkje uit gaan zoeken. Vandaag en het waaide zo fijn.
Een eenvoudig wit jurkje. Een zomerjurkje.
Met een klokkende rok en ruches langs mijn schouders.
Van de mevrouw mocht ik af en toe naar buiten om te kijken hoe de witte stof fladderde in de wind. Ik draaide dan rondjes en op straat bleven de mensen staan.
Het boeket wordt simpel. Met gipskruid en wijnruit en linten.
Ik zocht de ringen uit. Een klein steentje in die van mij.
Op een formulier krabbelde ik de inscripties.
"I can tell you, I love him each day."
Met papieren tassen aan mijn arm liep ik terug naar huis. Op mijn slippers en alleen. Thuis gekomen vouwde ik de was en ik bedacht me dat mensen zich eigenlijk het alleenst voelen als ze in hun eentje tweepersoons lakens vouwen.
Maar ik voel me niet alleen.
Mijn verloving is op hand.
Ik heb al een datum.
De elfde van de elfde. Paradiso.
"We were in love. We were in love.
Palisades! Palisades! I can wait. I can wait."
***
So we all like Soofyan...
We do! We do!
28 juli 2006
Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt ruimt haar papiermand op...
"Ik doe alsof ik dichter ben
al wordt me verteld
dat ik
opener
moet zijn"
Reprise
Sommigen zeggen het altijd beter...
***
"Where's the harm in voicing a doubt
You'll find me in the lavatory
And where's the harm in talking out loud when I'm on my own
What's so wrong with reading my stars
When I'll be in the lavatory
And what is so wrong with counting the cars when I'm all alone
You're not the only one that I know
And I'm too proud to talk to you anyway
You're not the only one that I know
And I'm far too proud to talk to you any day
So I say I'm in love with the world
And what is so wrong with voicing a doubt when I'm on my own
It's perfectly fine to sleep in a chair
From monday 'til saturday
And what is so wrong with talking out loud when I'm all alone
You're not the only one that I know
And I'm too proud to talk to you anyway
You're, you're not the only one that I know
But I'm far too proud to talk to you any day
So they rode out west to the seaside
And they gladly decided to stay
After two hours wandering outside
The sea air drove them away
You're not the only one that I know
And I'm too proud to talk to you anyway
You're not the only one that I know
And I'm far too proud to talk to you any day
You're not the only one
But I'm far too proud
You're young
But I know, I know, I know, I know
I'm far too proud to talk to you any day
But if you do, don't you know
That I don't mind, no, no, no"
The Sundays You're not the only one I know
27 juli 2006
Zondag als vroeger
Ik stal altijd de platen van mijn broers.
Die speelde ik af op een platenspeler van puur plastic die ik had gekregen van mijn vader. Zo eentje in een koffer, zo eentje waar zelfs nog een 78-toerenknop op zat. Hij had hem voor me gekocht bij de Winkel van Sinkel, de tweedehands winkel van de nonnen in het dorpje waar we woonden.
Één van die platen was Reading, writing and arithmetic (of zoals ik toen zei: Ree-aa-ding, wrie-ting ent aa-rit-met-ik) van the Sundays. Ik speelde de lp grijs. Mede door de net-niet-van-plastic naald die erop zat. Sinds het ouwe ding het begaf heb ik nooit meer een platenspeler gehad.
Vandaag rommelde ik door de tweedehands cd's bij de platenboer, waar P de DJ High Fidelity-tje stond te spelen. Het was namelijk heet en het was een heerlijk ons-kent-ons aldaar.
Bij de S strandde ik bij the Sundays. Met een kloppend hart legde ik het hoesje op de toonbank. Oh, wat was ik dit album vergeten!
En tijdens het bier schenken vanmiddag draaide ik weer, voor het eerst in misschien wel tien jaar, Reading, writing and arithmetic.
En herinnerde ik me ineens weer hoe ik toen meezong. En hoe ik me toen voelde.
Hoe fijn is het om weer zoiets moois te horen, waarvan ik was vergeten dat het bestond.
Zit ik nu, met mijn voeten in een teiltje koud water met kriebels in mijn buik. Alsof ik weer een oude liefde op bezoek heb. En dat het weer precies zo voelt als toen.
Toen de wereld nog aan mijn voeten lag.
24 juli 2006
Geluk in de liefde is ruk voor de kunst
"En jou, mijn vriend, geef ik graag een hand," sprak het meisje dat op dinsdag het bier schenkt tegen haar bierflesje.
Ze nam een slok.
De aansteker knerpte weer.
Het was warm.
Ze is er een beetje bang voor.
Geluk in de liefde.
Kan dat immers?
Ze had het ooit, de ideale man, maar ook dat ging stuk.
"Dus waar hebben we het over?" pufte ze met de rook mee.
"En daarbij wordt mijn schrijven ruk bij geluk. En dat maakt dit dan een win-win situatie."
Is dit het nu?
Waar we het altijd over hebben?
Het groots en meeslepend leven?
"Ik voel me hoogstens sip. En ongeduldig. En nieuwsgierig."
Mensen veranderen niet.
Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt wentelt zich graag in haar sipheid.
"Sip zijn is een state of mind, mijn vriend. Het is als een liedje van the Smiths."
"Dit is later. Als ik groot ben."
Haast.
Morgen stapt ze weer op de fiets. De dijk op. Haar moeder zei ooit dat het goed is voor een mens om af en toe ver te kunnen kijken. Mooie dingen vangen in woorden is eigenlijk slechts tijdverdrijf.
Maar het merendeel van het leven is tijdverdrijf, vindt het meisje dat op dinsdag het bier schenkt.
"Of is er ergens al iemand die me wil gaan betalen voor mijn spullen op papier?"
"Wil iemand dan misschien mijn hondenbeet nog eens zien?"
Ze trok haar wenkbrauwen op.
Het bleef stil.
Haar bierflesje rolde fluitend zijn ogen naar het plafond.
Geen idee wie dit schreef...
(Lange stilte. Ze kijken beiden de open koelkast in.)
OOM HEIN:
Jan
JAN:
Ja
OOM HEIN:
Zie je wat daar ligt
daar
naast de oude kaas?
JAN:
Ja
OOM HEIN:
Wat dan?
JAN:
Een toneelstuk
OOM HEIN (lachend):
Een komedie
Jazeker
een komedie
23 juli 2006
"In bed. De tijd waait weg.
Alleen mijn sigaret en ik.
Hoe komt het toch dat ik,
die sta en val op een gedicht
waarin de wereld feller is,
soms dagenlang niet leven kan?
Ik kan niet leven met gemis
en als ik bij Larissa blijf
verlies ik tijd. Tot aan mijn dood
zal ik mijn grootste vijand zijn."
Menno Wigman Eindpunt
"Have you ever stayed in a place
where you wanted someone
who didn't want you?
Well don't - never do. Get out."
Martin Amis Other People
Het leven uit een dag
Tja, speaking about patstellingen.
A. F.Th. van der Heijden schreef het al.
Bij iets fijns wil een mens herhaling. En dat is waar het 'm nu fnuikt.
Het risico.
Bij herhaling vervaagt het fijne.
Wordt alles dof.
En grauw.
Verbaas ik me over hoe gauw iets moois lelijk wordt.
Ik ben klaar met rennen.
Ga maar op de bank met een sigaret.
Big Fish kijken.
22 juli 2006
Gladiolen II
Wat een lompe dingen.
Onder mijn vensterbank twee theekannen, een gewone vaas en een waterkan. Ik kan er niet bij in de buurt komen, want dan vallen ze om.
Qua bloem vind ik een gladiool toch meer iets van een struik.
21 juli 2006
Vort!
Zo!
Douchen en op de fiets!
Gladiolen halen!
Decadence
Vannacht at ik frietjes van de mcDonalds op de bank.
Een hamburger en sla.
(Ik blijf een meisje, wij meisjes willen altijd overal sla bij. Wij denken dat we daar dun van worden).
Ik had de hele avond in het park gestaan en daarna nog naar de koelste tent van het moment.
(De broer en ik kwamen er achter dat we bij de airco wolkjes in de lucht konden blazen.)
Het was zo'n avond.
Zo'n fijne.
Overal druk, en toch steeds iedereen tegen komen.
En een biertje drinken* en kletsen.
En heel veel lachen.
Toen met een papieren zak aan de fiets, waar de alom bekende rubberen broodjeslucht uit kwam, naar huis.
Ik picknickte op de bank.
Keek de herhaling van Netwerk.
Over kindsoldaten in Oeganda.
Met afgehakte neuzen.
En lippen.
Zat ik daar.
Ik keek.
Naar de televisie.
Naar de luxe voor me.
Mijn handen met eten.
Mijn handen waar altijd zoveel geklaag uit rolt.
Mijn mond.
Die kauwde.
Mijn mond waar altijd zoveel geklaag uit komt.
Heus, misschien raar. Het eten smaakte me nog steeds. Ook zette ik de reportage niet af.
Maar het contrast hing daar, tussen mijn ogen en de tv.
Als een steen aan een draadje.
Ik kauwde door en probeerde op mijn allerbest alles van elke hap te proeven.
Van alles wat ik heb.
Van de decadentie van mijn leven.
Ik ben een kind van mijn tijd.
Straks begeef ik me weer in het gedruis daar buiten.
De decadentie van mijn tijd.
Ik ben een kind van mijn tijd, terwijl ik hier zo zit. Terwijl ik dit stukje tik.
* Ja, sorry hoor...
Een droef gedicht
"Dit wordt een droef gedicht. Ik weet niet goed
waarom ik dit geheim ophoest, maar sinds een maand
of drie geloof ik meer en meer dat poëzie
geen vorm van naastenliefde is. Eerder een ziekte
die je met een handvol hopeloze idioten deelt,
een uitgekookte klacht die anderen vooral verveelt
en 's nachts - een heelkunst is het niet.
De kamer blijft een kamer, het bed een bed.
Mijn leven is door poëzie verpest en ook
al wist ik vroeger beter, ik verbeeld me niets
Wanneer ik met dit hoopje drukwerk vierenzestig
lezers kwel of, erger nog, twee bomen vel."
Menno Wigman Misverstand
20 juli 2006
Ik drink nooit meer...
Nooit, hoort u?
Nooit meer.
NOOIT!
19 juli 2006
Gladiolen
We moesten werken.
Huisgenote en ik.
En natuurlijk de jarige.
Het meisje dat altijd op zaterdag het bier schenkt was jarig geworden en schreef, toen we de tent hadden gesloten, een stukje in het kroeg-logboek.
"Wat zijn we toch allemaal verbouwereerd op deze dag...
De dood of de gladiolen?
Twee doden, wèl vuurwerk, geen vierdaagse, wèl bier in plastic, géén vierdaagse.
Honderduuzend gladiolen zonder duidelijke bestemming die samen met de wuppies wachten op betere tijden.
Vieren we volgend jaar weer de 90e? Of dan de 90 1/4e vierdaagse?"
Het is gedaan.
De feesten gaan door, maar een reden is er niet meer. Er hing de hele avond een melancholische sfeer in de kroeg en op het terras.
Aan de bar zat een oudere meneer met een wit petje op en hij keek heel sip.
Hij komt al 14 jaar.
"Normaal had ik nu in bed gelegen."
Hij staarde voor zich uit.
"Je leeft er toch het hele jaar naar toe."
We besloten hem aan het lachen te maken.
Met een praatje en grapjes en we draaiden zielige liedjes.
"Volgend jaar moeten jullie maar met me meelopen. En dan komen jullie trainen. Kunnen jullie bij ons logeren. Kost en inwoning. Ik hoef alleen maar een bos bloemen. Voor mijn vrouw."
"Bloemen? Dat is een goeie koop."
"Maar geen rozen."
"Houdt ze niet van rozen?"
"Jawel, maar die krijgt ze al 48 jaar van mij."
Zo komen er op een rare dag toch nog ineens juweeltjes van verhalen voorbij. En op het terras sloegen ze elkaar nog maar eens op de schouder.
Bij de nazit (inclusief Maus-de-wandelaar) hadden we de handen boven het boofd geheven.
Wat moeten ze nu met al die gladiolen?
Het wordt een ramp voor de bloemenmensen!
We smeedden een plannetje...
Moesten we niet gewoon mobiliseren?
En dat iedereen vrijdag een bosje gladiolen voor het raam zet?
Nou, wie doet er mee?
18 juli 2006
Wollen Sie ein Kleidchen?
"Oh, nog heel even naar de ZIJ."
Waren de gevleugelde woorden van het meisje dat op zaterdag altijd het bier schenkt.
Honderdendertig euro armer kwam ik de stad weer uit.
Drie jurken in de tas.
Waaronder een wollen.
EEN WOLLEN!
HET IS GODDOMME ACHTENDERTIG GRADEN!
Wals!
In gedachten dans ik cirkels door de kamer.
Laat ik mij over de vloer zwieren.
"Jij laat je nooit leiden! Meewerken!"
Riep eens iemand.
Walsen.
Mijn haar wappert in de wind.
Mijn handen voelen een beetje zweterig, maar vandaag is dat niet erg.
Het is warm.
In de hoek waait een ventilator.
Één, twee, drie.
Één, twee, drie.
Één, twee, drie.
Ik sleep de zijkant van mijn voet over de grond.
Ik lig bijna in een spagaat.
Spagaat is een goed woord.
"Wil iemand me misschien nog oprapen?"
De vloer is vies.
Zand.
Water.
Bier, pis en sigarettenpeuken.
Ik kijk naar mijn hand.
Die ligt naast mijn hoofd.
In de verte naderen voeten.
Harde zwarte schoenen.
Mannenschoenen met een hak.
Walsen.
Walsen.
Ze walsen.
"Pardon? U staat op mijn hand."
U weet toch hoe dat oogt?
Een hak die een sigaret uitdraait?
Nou.
Zo dus.
"Pardon? Meneer?"
Walsen.
Walsen.
Walsen.
Ik lig hier prima.
Laat me maar.
Laat me.
Laat me.
Wals.
Blijf.
Één, twee, drie.
Één, twee, drie.
Één, twee, drie.
***
"They say it fades if you let it,
love was made to forget it.
I carved your name across my eyelids,
you pray for rain I pray for blindness.
If you still want me, please forgive me,
the crown of love has fallen from me.
If you still want me, please forgive me,
because the spark is not within me.
I snuffed it out before my mom walked in my bedroom.
The only thing that you keep changin',
is your name, my love keeps growin'
still the same, just like a cancer,
and you won't give me a straight answer!
If you still want me, please forgive me,
the crown of love has fallen from me.
If you still want me please forgive me
because your hands are not upon me.
I shrugged them off before my mom walked in my bedroom.
The pains of love, and they keep growin',
in my heart there's flowers growin'
on the grave of our old love,
since you gave me a straight answer.
If you still want me, please forgive me,
the crown of love is not upon me
If you still want me, please forgive me,
cause this crown is not within me.
it's not within me, it's not within me.
You gotta be the one,
you gotta be the way,
your name is the only word that I can say
You gotta be the one,
you gotta be the way,
your name is the only word,
the only word that I can say!"
Arcade Fire Crown of Love
16 juli 2006
It giet oan
We zijn begonnen
Gisteren was de spanning in de ochtend bijna beet te pakken.
"Het gaat beginnen," waaide het door de straten.
Gisternacht biergeschonken en vanavond ook weer.
De stad voelt woelig.
Afgelopen nacht na de gedane arbeid nog even naar Merleyn voor een dansje, een Dab en een praatje. Doe ik altijd op zaterdag. Gezellig met de jongens. Die zijn daar dan altijd al en zo rond drieën immer aangeschoten. Zo niet deze keer. Ze vielen bijna om toen ik binnenstapte. Met z'n vieren stonden ze wiegend op de dansvloer in hun flesje te zingen.
Ik klokte gauw wat bier weg.
We zijn begonnen.
Zometeen treedt het meisje dat op zaterdag altijd het bier met me schenkt op in het Valkhofpark.
Ik ga eerst nog even snel een rondje stad.
Matten en stretch-spijkerbroeken kijken op de Bloemerstraat. Een vleugje van een bandje horen op het Koningsplein. Die bandjes klinken namelijk bijna altijd vals.
Het voelt als een soort traditie.
En zal ik op de fiets?
Niet practisch, qua druk en alles.
We zijn begonnen.
Ik ga de stad in!
En met de wijze woorden van Guided by Voices, laat ik u.
"Disarm the settlers
The new drunk drivers
Have hoisted the flag
We are with you in your anger
Proud brothers
Do not fret
The bus will get you there yet
To carry us to the lake
The club is open
The club is open
The club is open"
Guided by Voices A Salty Salute
Late nacht en nog een liedje
De schoonheid zit in zulke eenvoud.
"What can you do
when the curtain falls
what will you do
when the curtain falls
you'll
left, right
left, right
left, right"
Beirut After the curtain
Het leven gereduceerd tot een cha-cha-cha.
Of wat voor dans is dit eigenlijk?
Ach.
What can you do?
Left right, Hanneke, left right.
Ik dans maar.
Ik dans maar gewoon door...
15 juli 2006
Het meisje op een barbecue
"Je moet wel op gaan passen met wat je opschrijft, hoor."
"Hè?"
"Dat je niet zo'n zeur-log gaat krijgen."
"Maa..."
"Dat je niet zo'n on-line meisjeslogboek gaat bijhouden."
"Wa..."
"En dat je alleen maar over hetzelfde schrijft."
"Ik..."
"Want nu steeds met die boot."
"Boo..."
"En toen steeds over dat gestudeer en dat druk."
"Stu..."
"Want steeds maar hetzelfde, dat vind ik stom op een weblog."
"Hoe..."
"Die van jou lees ik nog wel, hoor."
"Gelukki..."
"Maar ik heb ook wel eens weblogen gehad die ik gewoon niet meer kijk. Dan gooi ik ze gewoon uit mijn favorietenlijst. Vind ik helemaal niet erg. Mensen er gewoon uit gooien. Als het stom wordt of steeds hetzelfde is dan gooi ik ze gewoon uit mijn lijst. Zo. Gewoon. Met een klik. Maar jij staat er nog in."
"Gelukki..."
"Nog wel."
14 juli 2006
Hoe het toch nog een goede dag werd
Gisteren niet zulks een goeie bui, nee.
Was ook wel te lezen.
Gemopper over adders en gezoem.
Bah bah.
"Ik ben een hoopje ellende," smste ik naar de P de DJ.
En Jnnk nam me mee op een tripje naar de Lidl.
In haar metallic kwam ze voorgereden. The Magic Numbers schalde door de opengedraaide raampjes.
"Sorry!"schreeuwde ik, "als ik een beetje sip doe!"
"Geen sorry! Niks te sorry!" riep Jnnk over de muziek heen.
"Sorry!" riep ik weer.
"Heu!" riep Jnnk.
En op de terugweg kwamen the Shins nog voorbij en galmden we Kissing the lipless door de straten van de minder frisse buurten van 't Nijmeegse.
"Hanneke, kom maar verder, hoor."
P de DJ wenkte vanaf de balie van de Platenboer
"Het lijkt wel of ik bij de dokter kom."
"Juist. Ik heb het goeie medicijn voor jouw probleem."
Een koptelefoon werd op mijn hoofd gepland.
En bij liedje zeven was ik al een beetje aan het huilen.
Ik denk niet dat ik zoiets al eens hoorde.
Met mijn Lidl-sap in een oranje beker draai ik rondjes door de kamer.
Dalen, pieken.
Ik ben gezegend.
Gehoord tijdens het bierschenken
"Ik hou van woorden waar alle klinkers in voorkomen."
"Gauloises!"
"Ja, of Limonadekut."
"..."
"En Uier-oma!"
13 juli 2006
Adder onder de boot
Hoe kunnen fijne momenten toch evengoed een zoem in je achterhoofd laten klinken? Een gesis op de achtergrond?
Ach.
Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt trekt altijd alles in twijfel.
"Ja! Dazzal!" zegt ze wel een paar maal per dag. Als iemand een compliment geeft, als er een shampoo-reclame op de televisie is of als ze in de spiegel kijkt. Ze wordt daar een beetje moe van. En zelfs haar eigen een beetje in twijfel moeten trekken steeds. Niets zo vluchtig als gevoelens, zegt het understatement.
Het is soms wel een beetje eenzaam, hoor. Meisje zijn, de hele dag. Want ja, ieder mens zit nu eenmaal maar gewoon in zijn eigen hoofd, zo ook het meisje.
Zelfs als je de cha-cha-cha leert.
Het meisje leerde de cha-cha-cha.
Eerst gewoon op wat op de platenspeler lag.
Pasjes zetten.
Toen toch maar een echte latin-plaat uit de kast gerukt.
Wang tegen wang.
Heup tegen heup.
En af en toe los en dan een draai mogen maken.
Een rondje over het dek springen als het niet lukte en dan lachen.
"Niet stoppen, doorgaan! Ik spring zo weer in!"
Alle ingrediënten zijn er.
Een lach, een dans, wang tegen wang, twee handen in elkaar.
En toch klopt er dan iets niet.
Het zijn die addertjes onder de boot.
Ik moet ophouden met die dingen te zoeken.
10 juli 2006
U rukt mijn hart eruit en nu staat u er ook nog eens op te stampen...
The Shins hebben Lowlands gecancelled.
09 juli 2006
Leut? Is dat niet een plaatsje bij Nijmegen?
"Koffie?'
"Koffie."
"Echt, ruik dat toch eens. Wat fijn."
"Jij bent ook een leut, of niet?"
"Koffie is wat mij betreft een religie."
"Een kunstvorm."
"Slechte koffie zetten is een doodzonde."
"Of slappe koffie."
"Slechte koffie is slappe koffie. Sterk betaat eigenlijk niet. Goede koffie is sterke koffie."
"Decafé."
"Ga je mond spoelen. Een beetje lopen vloeken in mijn kerk."
"Mensen die decafé drinken vertrouw ik niet."
"Dat zijn geen mensen."
"Dat zijn NSB'ers."
***
(Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt zegt nu alvast sorry tegen alle decafé-drinkers die dit lezen. Het punt is alleen dat het haar zo vreselijk aan het hart gaat, die koffie. Ze weet heus ook wel dat decafé-drinkers geen NSB'ers zijn. Ze vindt het alleen heel raar: decafé. Dat is zo iets als alleen de bearnaisesaus van de asperges eten. Zoutloze frieten. Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt drinkt gewoon een kopje kruidenthee als ze vroeg naar bed wilt of niet wil genieten van hartkloppingen. Wat ze al zei: het gaat haar gewoon aan het hart... Maar dit alles, wederom, geheel terzijde.)
08 juli 2006
Ik ben even buiten een standbeeld aan het kleien
'Kom terug.'
Als ik die woorden eens zó zacht kon zeggen
dat niemand ze kon horen, dat niemand zelfs kon denken
dat ik ze dacht...
en als iemand dan terug zou zeggen
of desnoods alleen maar terug zou denken
op een ochtend:
'Ja.'
Toon Tellegen
uit: Over liefde en over niets anders
07 juli 2006
Gans veel ooievaars (of hoe het meisje ging ooievaren)
Dagen die niets gepland hebben zijn het fijnst.
Zoals gisteren.
Eerst lunchen in de achtertuin met huisgenote en de collega met baby en die ook van poëzie en mooie boeken houdt.
En daarna opperde huisgenote ineens van "Kom, we fietsen even naar de Bizonbaai."
Zonnen en praten over de liefde en het werk en het gestudeer van de afgelopen tijd.
En over mannen.
Nijlganzen.
Op de terugweg zagen we wel zes ooievaars door een veld benen!
Daarna voor koffie naar de boot.
"Heb je al gegeten?"
Toen zat het meisje dat op dinsdag het bier schenkt ineens tussen de schippers en de schippersvrouwen te barbecuen en zag ze zomaar drie boten van binnen.
Rosé en sigaretten en toen die op waren werden er shaggies voor haar gedraaid.
En werd het glas nog eens volgeklotst.
Een beetje roze stommelde ze over de loopbrug weer naar wal.
Kreeg ze zin om te huppelen.
Weer een fijne dag.
Het moet niet gekker worden, want zoveel geluk kan ze helemaal niet aan.
Hoezee!
06 juli 2006
Ja, het is echt zijn dagelijkse bijnaam
Huisgenote studeerde gisteren af.
Fijn met het bezoek in de tuin rosé drinken en sigaretten roken.
(Niemand had door dat huisgenote wel tot zes keer toe Uptight van Aberfeldy opzette.)
Ik zat in de deuropening, tussen de openslaande tuindeuren die leiden naar de totaal overwoekerde lap grond die we tuin proberen te noemen. Ik keek eens wat, en luisterde.
Smokey: Oh, was je vader er? Wie was je vader?
Huisgenote: Die wat langere man. Een meter of twee.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Krullend haar, streepjes shirt.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Bruin krullend?
Smokey: Nee.
Huisgenote: Bril, blauwe ogen.
Smokey: Nee.
Huisgenote: Grijsblauwe ogen!
Smokey: Nee. (stilte) Nee.
Huisgenote: Een spijkerbroek, beetje een buikje?
Smokey: Nee.
(Stilte)
Huisgenote (sneller): Als je met 'm gepraat hebt ging hij je vast iets uitleggen.
Smokey: Oh! Jajajajajajajajajajaja.
03 juli 2006
Volgens mij heb ik vakantie
En de geschiedenis is niet alleen maakbaar, hij herhaalt zich ook nog eens de heule tijd.
02 juli 2006
Het is niet al pek wat er doft
Tengo van de dames Barcelona en het meisje dat op dinsdag het bier schenkt gaan bergzitten.
In het Goffertpark.
Bij Guns 'n Roses.
(Zinge met krakende stem op de achtergrond: "Aaaaaaaaaaaaoooooooooooowwwwwwwwwant you please take me hooooooome-aaaaaaaah!")
Zin an!
Lieve Aimee,
Ik schrijf je nu dan toch maar. Heeft vast geen nut. Of zin. Maar ik heb zin. Om te schrijven. Naar jou.
Ik heb een kater. Een hele erge, zo dat als ik met mijn hoofd schud, dat de kamer dan nog even na beweegt. Gisteren na het bier schenken gedanst tot het zweet me over de rug gutste. Daarna nog stoepje gezeten. Voor het eerst in twee, drie jaar weer eens geblowd en vanmiddag pas weer wakker geworden.
Maar dit geheel ter zijde.
Ik praat teveel, dat had je misschien wel al gemerkt.
Gisteren qua praat-buffer al mijn kruit verschoten.
De filter, zeg maar, die de rem op mijn geratel zet.
Weg gezopen.
Afijn.
Waar was ik?
Oh ja.
Ik schreef.
Net weer Magnolia gekeken.
Met kater.
En mezelf.
Alleen op de bank terwijl het buiten dertig graden is.
(In celcius, ik heb geen idee hoeveel dat in farenheid is. "99.9 fahrenheit degrees"?)
En ach, Aimee, ik moet dan weer zo huilen.
Hoe kan je toch mensen zo bij de strot grijpen? Hoe doe je dat? En waarom? Hoe haal je het in je hoofd om een levensveranderende film te maken met die Anderson-man, terwijl ik gewoon op de bank wil liggen vegeteren met mijn Wallace & Gromit-videobanden (die ik voor twee kwartjes per stuk kocht bij de tweedehands winkel, maar ook dat wederom geheel ter zijde) en heel veel suikervrije Roosvicee wil drinken?
Op een boot met mijn teen in het water.
Dat iemand me koffie brengt.
Mij mijn eten kookt.
Dat ik eet.
Normaal.
En niet meer drink.
Of een pakje rook.
Niet meer dubbel gevouwen, met mijn hoofd aan het voeteneind wakker word.
Op een boot met mijn teen in het water.
Maar, lieve Aimee, ik denk niet dat het al de tijd is. Dus wil je alsjeblieft ophouden met van die liedjes te schrijven die als een staak door mijn hart slaan? Ik heb wel wat beters te doen dan te zitten huilen om de schoonheid van je liedjes. Wat weet jij daar nou van? Jij bent al bijna tien jaar gelukkig met die Penn-gast getrouwd.
Ach.
Nee.
Ik ben gewoon wat bozig.
Dat ben ik wel vaker.
Ik wil niet dat je stopt.
Niet stoppen.
Anders dan.
Mag ik dan jou zijn?
Toe?
Jou zijn, Aimee?
Jouw stem?
Je haar?
En je liedjes?
Dat ik op een gitaar?
En zing van "Red me"?
Want dat is alles wat ik wil.
Zingen van dat ik denk dat hij er uitziet als een "Perfect fit".
Red me.
Toe, Aimee.
Mag ik?
Heel veel groetjes,
Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt
***
Deathly Aimee Mann
Now that I've met you
would you object to
never seeing each other again
cause I can't afford to
climb aboard you
no one's got that much ego to spend
So don't work your stuff
because I've got troubles enough
no, don't pick on me
when one act of kindness could be
deathly
deathly
definitely
Cause I'm just a problem
for you to solve and
watch dissolve in the heat of your charm
but what will you do when
you run it through and
you can't get me back on the farm
So don't work your stuff
because I've got troubles enough
no, don't pick on me
when one act of kindness could be
deathly
deathly
definitely
You're on your honor
cause I'm a goner
and you haven't even begun
so do me a favor
if I should waver
be my savior
and get out the gun
Just don't work your stuff
because I've got troubles enough
no, don't pick on me
when one act of kindness could be
deathly
deathly
definitely
Stel dat
we're a couple
are we a couple?
or are we just
self-centered
and self-destructed
and self-inflicted
and self-forgetful
and self-doubting
and self-serving
and self defeating?
are we just like robots?
we're a couple of robots
Left-handed right mind Laudanum
01 juli 2006
Goed knarsen is niet vervelend
Mijn ouderlijk huis heeft een tuin. Een moestuin.
Ze bracht wel een kilo aarbeien mee, mijn moeder. Uit de tuin.
Ik was vergeten dat aardbeien zo moeten smaken.
Ik at ze allemaal in één keer op.
Ik heb ze niet gewassen.
Ik poetste alleen het zand met mijn mouw eraf.
Knarsend at ik mijn geboortegrond met de aardbeien mee op.
Ik ben trots.
***
Liedje voor erbij.
New Slang van the Shins.
KLIK!
(Misschien wel de beste tekstschrijvers sinds Morrissey.)