Tegeswoordigs

Ingesproken voicemail, 11u25
Hoe komt het dat ik deze week overal mensen de weg zie vragen?
Wat is er met de wereld?
Iedereen de weg kwijt?

Uitgaande sms, 11u55
Gisteren rook ik overal komkommer en vandaag ruik ik overal ui!
Ik vraag! Met mijn vuisten naar de hemel!
Wat is er aan de hand met de wereld?!

Zakelijkheid is niet mijn stokpaardje

Uitgaande sms, 11u51

In februari datum prikken voor de opzet van het programmaboek. Het beste zijn de donderdagen. Wanneer kun je? (Overigens:Voor me in de trein zit een stel hamburgers te eten en met ongelofelijk volle mond over niks te praten. ‘t Is goddomme nog géén twaalf uur in de och’end!)

Uitgaande sms, 12u20
(En nu kussen ze! Na die hamburgers! Met heel veel smakken en het is bekant half één!)

Bitter

Is dan werkelijk iedereen verliefd?

Een verliefde studiegenoot pest ik al twee dagen, door iedere keer als hij opkijkt een hartje met mijn handen te maken en dan een scheef hoofd te trekken. Een quasi-geërgerde blik, die niet kan verhullen dat hij het juist alleen maar daar over wil hebben valt me steeds ten deel.

“En ik ken haar pas een week, maar het is gewoon al zo leuk en zij versierde mij gewoon en ze is zo slim en zo mooi en ik loop de hele dag op wolken.”
“Ik moet echt van jou kotsen!” antwoordde ik.
De verliefde studiegenoot greep me vast, schudde me door elkaar -iets wat op een soort van knuffelen leek- en riep: “Wat fijn! Als jij er van moet kotsen, dan betekent dat ‘t dus heel erg waar is!”

Ik word ooit nog een vrouw achter de geraniums.
Bitter.
Heel erg bitter.

Han is die machine!

Ik ben een schim van mezelf nu ik geen internetverbinding heb.
In fel tl-licht eet ik op moment van schrijven een bak geitenkaassalade.

Gisteravond laat printte ik bij de broer internetsgewijs alle papieren uit die ik nodig had, die ik vervolgens in de printer bleek te hebben laten liggen toen ik eenmaal thuis in de pyama in bed nog een uurtje aan de slag wilde gaan.

Vanochtend haastte ik mij, uit mijn lood geslagen, naar de trein voor negenen en betaalde voor het ritje naar Utrecht zesendertig euro. ZESENDERTIG!
Lang leve de kortingskaart, ik arme sloeber.

In Utrecht wandelde ik een kwartiertje naar mijn fiets, die sinds donderdagnacht voor een kroeg stond, om daar te bemerken dat de fietsensleutel in een tas in Nijmegen zat.

Nu dus in een felverlicht hok achter het internet.
Mijn cursor doet raar.
Die blijft steeds een paar seconden achter.

En zo ben ik een schim van mezelf.

Nee!
Van m’n computer!

Ik ben perfect in sync.

Kommaloos

Aaargh!
Ik heb zojuist de waterkoker weggegooid die ik voor mijn tiende verjaardag kreeg zodat ik op mijn slaapkamertje geen thee meer hoefde te zetten met een tweedehands koffiezetapparaat dat ik kocht bij de Winkel van Sinkel voor de twee gulden die ik had verdiend door te misdienen bij de nonnen!

Ik ga een sterke en gestructureerde vrouw worden in mijn nieuwe huis.

Verhuizen is de nieuwe muisarm

Waarom begin ik altijd te laat met dit soort dingen?
En waar zijn al die cd’s toch heen?

Mijn hand zei net heel hard knak.
Toch altijd fijn als je wat aanspraak hebt.

Bah, wat lekker

ODIEL
Honger?

YVETTE
Bah.

ODIEL
Ja.

YVETTE
Wij zijn ermee opgehouden.

ODIEL
Eten is voor vadsige wijven.

YVETTE
Voor vrouwen met gevoel.

ODIEL
Bah.

YVETTE
Gevoel.

ODIEL
Gevoel is voor mietjes.

YVETTE
En voor vrouwen.

ODIEL
Wij hebben jou helemaal niet nodig.

YVETTE
En jou al helemaal niet.

ODIEL
Bah!
Vetzak.

YVETTE
Wij hebben genoeg aan onze lege maag.

ODIEL
Wij voelen ons zo gruwelijk leeg.

YVETTE
Het is meeer dan genoeg.

ODIEL
En ja.

YVETTE
Dat we een atletisch lichaam hebben.

ODIEL
Dat wisten we al.