hs_zoolanderalex_08

Orange Mocha Frappuccino

Geschreven voor De Zuiderlingen in Lux, tijdens de Nijmeegse Kunstnacht 2016.

Henry en Francien achter de balie van een koffie-franchise. De zaak is verder helemaal leeg. Ze vervelen zich. Er klinkt klassieke muzak door de speakers.

HENRY
Oké.
Opletten.
Let je op?
Je luistert niet.

FRANCIEN
Ik luister wel.

HENRY
Je kijkt gewoon in je koffie.

FRANCIEN
Henry. Ik kijk altijd in mijn koffie.

HENRY
Dat is waar.
Oké.
Doe je ogen dicht.

FRANCIEN
Hè?

HENRY
Doe je ogen dicht.
Dat is goed voor je.

FRANCIEN
(Zucht.)

HENRY
Heb je ze dicht?

FRANCIEN
Ja.

HENRY
Heb je ze echt dicht?

FRANCIEN
Jahaaaaa.

HENRY
Oké. Stel je voor.
De zaak is groot. Er staan tafeltjes naast het raam, een stuk of tien. En een barretje tegen de achterwand.

FRANCIEN
Dat is gewoon hier, Henry.

HENRY
Ja, dat is het ‘m nou juist.
Doe je ogen weer dicht.
Dan krijg je een orange mocha frappuccino van me.

FRANCIEN
(Zucht.)
Ben je weer zo’n cursus aan het doen?
Hoe heet het? Mindfulness?

HENRY
Ergens op een kantoor, ergens een paar steden verderop, zit onze baas die alleen Vandersteen wel eens heeft gezien. Vandersteen is de bedrijfsleider en ze is geweldig. Ze zou eigenlijk beter staan achter de bar van een bruine kroeg. Ze heeft een rookhuid en ze rochelt de hele dag. Ze lacht graag en veel, maar na elke lachbui volgt een hoestbui. Als we om zeven uur ’s avonds sluiten dan gaat ze naar De Klep. Daar gaat ze in het rookhok zitten, fluitjes drinken en sigaretten roken. Soms gaan we mee, toch Francien?

FRANCIEN
Soms gaan we mee.

HENRY
Maar meestal ga ik naar huis.
De baas van kantoor stuurt af en toe een jongetje met een clipboard. Die praat dan meestal met Vandersteen. Dan gaan ze de zaak door en wijst hij dingen aan, gaat hij met zijn nagel langs randjes en hoekjes en dan maakt hij aantekeningen op zijn clipboard.
We zijn een echte franchise. Vandersteen, jij en ik achter de bar en de Pastinaak maakt de soep, de pasta en de broodjes, boven in de keuken.

FRANCIEN
O, en er komt een schoonheidssalon hier links naast ons. In dat ouwe kantoor van dat vage uitzendbureau. Er hangt een briefje. Cascade gaat het heten.
Cascade.

HENRY
Cascade?

FRANCIEN
Cascade.

HENRY
Wat betekent dat nou weer? Cascade?
Dat alles in elkaar dondert?
Dat als je kop tot op de draad versleten is dat je dan daarheen kan?

FRANCIEN
Een cascade is een stroomversnelling.

HENRY
Ik weet niet wat dat is met die namen van tegenwoordig. Die nieuwe kroeg aan de Markt heet Flinstering. Flinstering! Hoe kom je daar nou bij? Wat is er mis met De Klep? Of ’t Voske? Of, nu we het er toch over hebben: De Grote Markt?

FRANCIEN
Flinstering, ja. Dat was grappig.

HENRY
Kom je starnakel thuis, schreeuwt je vrouw: ‘Waar heb jij gezeten?’
‘In Flinstering!’
Dat klinkt toch niet?

FRANCIEN
Starnakel. Dat is pas een goeie kroegnaam.”

HENRY
Ik ga mijn kind Starnakel noemen.

FRANCIEN
Starnakel! Eten!

Stilte.

HENRY
De Baboe-bakfiets.
Daar kan ik ook niet tegen.
Baboe. Dat klinkt voor kinderen.

FRANCIEN
Dat is ook voor kinderen.

HENRY
Ja, wacht, ik ben nog niet klaar. Voor kinderen en poep.

Stilte.

HENRY
Baboe.
Baaaaboe.

Stilte.

FRANCIEN
Nou, krijg ik nog een orange mocha frappuccino van je?

HENRY
Natuurlijk.
Voor jou de wereld, lieve schat.
Voor jou de wereld.

space-ii

Lippenstift en schroevendraaiers

“Mocht je een lippenstift zoals deze zien, dan moet je het zeggen,” zegt de mevrouw van de parfumerie. Ik ben zojuist op hoop van zegen binnengelopen met een slapende dochter in de wandelwagen. Zolang ik met haar wandel slaapt ze, zelfs als ik de wagen over een parcours van metershoge trottoirbanden, bergen gravel of dakpansgewijs gelegde stoeptegels heenrol. Af en toe heeft ze een moro-reflex met haar armpjes, maar ook dan slaapt ze gewoon door. Doorgaans krijgt ze pas na een kwartier door dat ik stilsta, bijvoorbeeld bij een terras waar ik ben gestopt om koffie te drinken met mijn vrienden die volgens mij nog evenveel als ik moeten wennen aan het feit dat ik moeder ben geworden. Dan wordt ze wakker en dan denkt ze: “Wat maak je me nou?”, waarna ze gaat huilen.
Hoe dan ook, ik zal het maar meteen toegeven: ik laat bij de parfumerie mijn wenkbrauwen verven en degene die dat altijd doet is net heel even weg. Ik ben gek op de degene die dat altijd doet. De laatste keer is alweer maanden geleden, toen ik nog een enorme buik had.
“Ze komt zo terug,” zei de mevrouw van de parfumerie. “Ze kan er echt elk moment zijn.”
Ik rol de wandelwagen verder de zaak in. In de wagen drukt Alma slapend haar handje stevig tegen haar neus. Ze is een zak vol reflexen, zo met haar zeven weken oud, maar dit kan geen toeval zijn.
“Ik had die lippenstift vanmorgen opgedaan,” zegt de mevrouw van de parfumerie. “En ergens neergelegd en nou kan ik ‘m nergens meer vinden.”
Ik knik.
“Ik zal eens kijken,” zeg ik.
In de wagen kucht Alma. Daarna duwt ze haar hand weer tegen haar neus.
“Ik heb overal al gezocht,” zegt de mevrouw. Ze loopt voorzichtig achter me aan. Alsof ze eigenlijk wil dat het me niet opvalt dat ze er is, maar dat ze zich niet kan inhouden en wel met me móét praten. Alsof ze al twaalf jaar tegen niemand heeft mogen praten in de zaak, maar vandaag voor het eerst mag.
“Vervelend,” zeg ik.
Dan pas valt me een meneer op, die al append naast een schap met oogschaduw staat.
Ik schrik er een beetje van.
“Misschien is de lippenstift gevallen,” zegt de mevrouw.
Ik wandel verder, de vrouw drentelt achter me aan.
“Ik heb overal al onder gekeken. Niks.”
De man begint te bellen. Hij roept in een taal die ik niet kan thuisbrengen in de hoorn.
“Ja, het was maar een testertje, maar ik vind het zo zonde. Het was ook een hele mooie kleur. Ik heb zelfs al in de prullenbak gekeken. Ook niks. Misschien staat ‘ie ergens bij een ander merk. Ik weet het gewoon niet meer. Ik ben al uren aan het zoeken.”
De man hangt op. Als hij een ouderwetse telefoon had gehad, had hij de hoorn erop gegooid. Bijna meteen na het ophangen loopt er een mevrouwtje binnen. Ze gaat naast de man staan.
“Ja, want ik wil niet zomaar iets kwijt maken hier, dat is natuurlijk niet de bedoeling, als ik iets kwijt maak. Al ben ik heus niet de enige, hoor, die zomaar dingen op de verkeerde plek terugzet. Of laat vallen.”
“Ja, nee,” zeg ik.
Dan rent degene die mijn wenkbrauwen doet de zaak binnen. Meteen begint de vrouw van de appende man tegen haar te praten. Iets met een gezichtsmasker. Of crème. De man kijkt mimiekloos naar zijn vrouw.
“Of de lippenstift is ergens tussen gerold,” zegt de vrouw. “Dat kan natuurlijk ook. Als die dingen eenmaal gaan rollen. Het zijn net schroevendraaiers die uit een ruimteschip zijn gevallen.”
Ergens moet een universum zijn met verloren sokken, haarspeldjes, pennen, lievelingsvesten, klutsen en lippenstiften.
Degene van de wenkbrauwen rent langs, herkent me, kijkt in de kinderwagen waar Alma al haar eerste ontevreden kik heeft gegeven, geeft me drie kussen en rent verder.
“Het duurt nog even,” roept ze.
De man begint weer te bellen.
“Werk je morgen ook?” roep ik haar na.
“Nee!” roept ze. Ze verdwijnt door een deur.
“Het was een soort lila,” zegt de mevrouw die nog achter me blijkt te staan. Ik schrik. Alma begint te huilen.
Dat was de hoop van zegen. Die vervloog, maar daar ruik je niks van in zo’n parfumerie. “Echt heel erg zonde.”
“Ik bel nog wel voor een afspraak,” zeg ik.
“O,” zegt de vrouw teleurgesteld. “Maar ze is vast over een kwartiertje klaar.
Alma zet haar sirene aan.
“Ik ben mijn agenda vergeten,” zeg ik.
Ik maak een u-turn en loop richting de uitgang.
“Oké!” roept de vrouw.
Buiten is het fris en koel.
“Tot ziens!” roept de vrouw vanuit de deuropening. Ze zwaait enthousiast.
Ik adem diep in.
Ik denk aan hoeveel schroevendraaiers er in het heelal niets in het bijzonder lopen te schroeven. Ik denk aan hoeveel baby’s van zeven weken oud er op de hele wereld precies op dit moment ook aan het huilen zijn. En hoe dat zou klinken, als je ze allemaal kon horen.
We wandelen verder.
Alma stopt met huilen.

Op de repeat op de platenspeler is om de anderhalve minuut de naald verzetten.
#HoudenvanAlienLanesvanGuidedbyVoicesomachtuurindeochtend

Poster facebook

Volgende week op De Parade te Rotterdam

We zijn nogal druk met de voorbereidingen voor ons literair-muziek-variété-program op De Parade in Rotterdam (27 t/m 30 juni, met mij) en Utrecht (26 t/m 29 juli met Alma Mathijsen).
Zin in is een cliché, maar nu écht écht waar.
Mede door het liedje dat we hebben gemaakt, dat zo mooi is dat ik het iedere dag stiekem een keer draai.

En verder: denk hele ouwe Franse kroeg, denk Satie en Janis Ian, denk Dennie de barman en een opgezette schildpad en denk aan een tingeltangel-schipperspiano en een traporgel.

Maar goed, wat willen we ook met Lucas de Waard (winnaar Musical Awards 2016 Beste Script), Mike Roelofs (winnaar De Annie M.G. Schmidtprijs 2014), Alma Mathijsen (Schrijver van “De grote goede dingen”, ondeugd én presentator) en Elfie Tromp (genomineerd voor BNG- en Dioraphte Literatuurprijs én Marlène Dietrich-zangeres) aan boord?

white-square.jpg
Gisteren zaten Mike en ik een uurtje bij Rob Keijs op Radio Gelderland en daar speelden we (of ja: Mike) het liedje voor de allereerste keer.
white-square.jpg

Dus komt allen af!
Het wordt gans mooi.
(Lach, traan, gevoelens, emoties!)
Kaartjes kopen kan alhier.

ballon

Ted is jarig

Zingend kwamen we de trap afgelopen. Anja, Henk en ik, en Anja mocht voorop. In haar handen droeg ze een appeltaartje van de Albert Heijn, met daarop een brandend theelichtje.
We zongen. Aan de bar zat Ted, voor hem een biertje met een glaasje Ketel, zijn vaste combinatie op de doordeweekse dagen, op zijn hoofd een kartonnen feesthoedje. Dat feesthoedje was nieuw.
Verder was de kroeg leeg.
“Voor jou, Ted,” zei Anja.
Ze zette sereen het taartje voor Ted neer.
Ik knikte.
“Voor je verjaardag,” zei Anja.
“Omdat we je zo’n fijne gast vinden,” zei ik.
Buiten scheen de zon, maar daar merkte je binnen gelukkig niks van.
Het was druk op straat, de terrassen zaten vol. Alsof er iets te vieren viel.
Maar wij hadden Ted, en Ted was jarig.
“Wat lief,” zei Ted.
Zijn stem klonk een beetje geknepen. Snel nam hij een slok van zijn bier. “Echt heel erg lief.”
Weer nam hij een paar slokken, tot de glazigheid in zijn ogen weer verdwenen was.
Ted blies het kaarsje uit en de andere drie klapten.
Samen aten we taart, dronken we een pilsje en keken we naar de dagjesmensen die buiten in de felle zon voorbij liepen.
Ted, Anja, Henk en ik.
Het was een goeie zaterdag.

105042-Retro-Orange-Balloons

Joey wil alleen maar rennen

Joey wil alleen maar rennen, zei Frenkie vanmorgen aan de bar.
Buiten liepen de groepen mensen in oranje tenues, maar binnen was het leeg.
De vrouw naast hem was al een tijdje weg. Ze had een kop koffie achterover geslagen, haar tas gepakt en geen doei gezegd. Frenkies bierglas was zo snel leeg dat het besloeg en buiten scheen voor eerst deze week de zon.
Het was nog vroeg, een uur of tien.
Joey wil alleen maar rennen, zei Frenkie aan de bar. Ik heb al een hek om de tuin gezet en hem zelfs al eens aangelijnd, maar het heeft allemaal geen zin. Hij klimt over alles heen en het touw dat bijt hij door. Mijn kind lijkt wel een hond. Vorige week moest ik hem van de Waalbrug plukken, nadat een maat me had gebeld dat hij Joey had zien rennen. Gelukkig had hij zijn pyjama aan, want dat is ook wel eens anders geweest. Lag ‘ie in zijn blote piemel in de vijver van het Kronenburgerpark. Oma sprak er schande van.
Frenkie stond al voor de deur te wachten toen ik aankwam. Ik stalde mijn fiets, en toen ik opkeek stond hij daar. Ben je al open? vroeg hij. Over een half uurtje, zei ik. Hij wreef over zijn gezicht en keek daarna naar een vogel die overvloog. Hij dacht na. Hij zou wel even wachten.
Eenmaal aan de bar stak hij meteen van wal.
Hij zei: Z’n moeder is al een week de hort op en vanochtend kwam ze thuis. Ik heb haar maar in bed gelegd en Joey voor de televisie gezet met een zak chips en een fles kindercola en de tussendeur op slot. Daarna heb ik met de deur geslagen, maar ze sliep denk ik al te vast. Joey zwaaide naar me door het raam, terwijl hij het gordijn inklom. Ik heb daarna maar niet meer omgekeken. Joey wil alleen maar rennen, maar vandaag zoekt z’n moeder het zelf maar uit. Ik weet dat je het niet over je eigen kind mag zeggen: maar die rattekop stikt maar in zijn kindercola, ik pluk hem niet meer van die brug. Mag ik nog een Ketel 1? Een kouwe als het kan. Ik wil niet meer naar buiten, want iedereen viert feest. Een stal, dat is het, iedereen loopt maar te zuipen en te vreten. Ik doe niet mee. Vandaag in ieder geval niet.
Een meisje met een verenboa om liep binnen, keek rond en vertrok weer. Buiten hoorden we haar nog roepen. Smerige schijtpino, mompelde hij. Ach, zei ik. Die meisjes doen niemand kwaad. Gelukkig is het hier rustig, zei hij. Ik schonk hem nog eens bij.
Joey wil alleen maar rennen, zei Frenkie aan de bar. Langzaam werd zijn tong dikker en naarmate de kroeg leeg bleef, nam hij steeds een glas erbij. Af en toe rookte hij buiten een filtersigaret die hij thuis met een machientje had gedraaid. Dan schopte hij wat tegen het paaltje. De mensen liepen met een boogje om, staken over naar de andere kant van de straat. Frenkie zweeg steeds meer en toen de middag binnenliep en het officieel tijd werd om te gaan drinken rekende hij af. Die kleine rattekop moest toch ook even een aai, zei hij terwijl hij haastig het briefgeld terug in zijn portemonnee propte. En misschien moeten we maar een blokje om, die kleine man en ik. Laat ik hem daarna even los in de tuin. Ik zou eens een traptractor voor hem moeten kopen of een loopband of een klimrek met een wipkip.
Leunend in de deuropening keek ik Frenkie na. Hij verdween als een grijze zweetvlek tussen het oranjevolk. Langzaam druppelde de zaak vol met mensen. Ik gaf een rondje voor de eerste mensen aan de bar en glimlachte voor de verandering wat meer. Want Joey wil alleen maar rennen. En we weten allemaal hoe dat voelt.

Een dag voor dit liedje


The jeweller has a shop
On the corner of the boulevard
In the night, in small spectacles
He polishes old coins
He uses spit and cloth and ashes
He makes them shine with ashes
He knows the use of ashes
He worships God with ashes

The coins are often very old
By the time they reach the jeweller
With his hands and ashes
He will try the best he can
He knows that he can only shine them
Can not repair the scratches
He knows that even new coins have scars
So he just smiles

He knows the use of ashes
Dum da de da da dey dey
He worships God with ashes
Dum da de da de de da de dey dey

Horace & Pete

CUSTOMER
Hi there, may I have a Budweiser, please?

UNCLE PETE
Four fifty.

CUSTOMER
O.

UNCLE PETE
O?

CUSTOMER
I thought I heard you charge that guy three dollars for a Budweiser.

UNCLE PETE
Don’t worry about what I charge him.

CUSTOMER
I just don’t get why I have to pay more.

UNCLE PETE
You don’t have to pay more, you can also get the fuck out.

CUSTOMER
You can’t just charge different people different prices.

UNCLE PETE
Hey kid, you gonna pay for this beer or you gonna wear it?

CUSTOMER
Uhm.

UNCLE PETE
Listen, you mumbling little fuck, you say “uhm” one more time-

HORACE
Pete-

UNCLE PETE
What?
What did I do?
What?

HORACE
Just let me get it.
I got it.
Hey, sorry.
You al right? What’s up?

CUSTOMER
Yeah.
I was charged four fifty for a Budweiser and that guy was charged three dollars.
I was not sure why the-

HORACE
He’s been coming here a long time.

CUSTOMER
So is that a privilege for just that one guy or is-

HORACE
Some people pay four fifty, some people pay three.

CUSTOMER
Okay.
How do you decide that? Is there, like, a list, or-

HORACE
If he looks like him he pays three, if he looks like you he pays four fifty.

CUSTOMER
Just out and out discrimination?
Are you aware how totally unfair and not okay that is?
Not sure what group-
I mean, I’m Jewish, I’m gay, short-

HORACE
Here’s the thing, you are getting more for your money than he is.

CUSTOMER
How so?

HORACE
Because, well, see, you come here and you make fun of the place because it’s an old Brooklyn dive bar, so you and your friends get to enjoy that part of it and also, you get to have a beer.
But he just gets the beer.
You are here ironically.
But he is really here because he just lives on the corner.

CUSTOMER
So it is like a douche tax?

HORACE
Yeah, kinda.

CUSTOMER
Acceptable.

HORACE
Okay.
Thank you.